wetzoeker

Besluit vaststelling bestanddelen beeldenaar munten vijf en tien euro ter gelegenheid van 100 jaar Nederlandse luchtvaart

Besluit van 14 februari 2019, houdende vaststelling van de bestanddelen van de beeldenaar van de munten van vijf en tien euro die in 2019 worden uitgegeven ter gelegenheid van 100 jaar Nederlandse luchtvaart

Soort
KB
Geldend vanaf
14-03-2019
Rechtsgebied
Financieel en economisch recht
Ministerie
Financiën
BWB-id
BWBR0041972
Versie
2019-03-14_0
SHA-256 bron
012e94e8e954fce1197d178a4ce69bdffb256f212e4fb8dbd560f0780d56f19c

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (3)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3

Artikel 1

1 De bestanddelen van de beeldenaar van de zilveren vijf-euromunt en de gouden tien-euromunt die worden uitgegeven ter gelegenheid van 100 jaar Nederlandse luchtvaart zijn:

a. op de voorzijde, overeenkomstig onderstaande afbeelding: in het midden Onze beeltenis en face, samengesteld door puntjes, met daaromheen de tekst «WILLEM-ALEXANDER» langs de linkerzijde en «KONING DER NEDERLANDEN» langs de rechterzijde;

b. op de keerzijde, overeenkomstig onderstaande afbeeldingen: een landkaart van de zuidelijke helft van Nederland, met een modern vliegtuig dat een schaduw van een vliegtuig van een eeuw geleden werpt op deze kaart, aan de onderzijde langs de rand de tekst «2019», het teken van de Koninklijke Nederlandse Munt, het teken van de Muntmeester en de tekst «5 EURO», respectievelijk «10 EURO», aan de bovenzijde langs de rand de tekst «100 JAAR NEDERLANDSE LUCHTVAART».

2 De vijf-euromunt heeft een gladde rand en draagt het randschrift «GOD * ZIJ * MET * ONS».

3 De tien-euromunt heeft een fijngeribbelde rand.

Artikel 2

De Staat der Nederlanden (Ministerie van Financiën) maakt een voorbehoud als bedoeld in artikel 15b van de Auteurswet met betrekking tot de beeldenaars van de munten, bedoeld in artikel 1.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van 14 maart 2019. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 13 maart 2019, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 14 maart 2019.