wetzoeker

Artikel 4.5 — Totale bezoldiging dagelijks bestuur Circulaire Introductie bij waterschappen van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers

Totale bezoldiging dagelijks bestuur

Voor de dagelijks bestuurder van een waterschap is sinds jaren het referentiepunt de bezoldiging van een fulltime wethouder van een gemeente van 60.000 – 100.000 inwoners. Het aantal dagelijks bestuurders van een waterschap wordt vastgesteld door het desbetreffende algemeen bestuur. Daarbij bepaalt het algemeen bestuur ook de tijdbestedingsnorm (deeltijdfactor) van de dagelijks bestuurders.

Op grond van artikel 4.5, eerste lid, is het totale, door een waterschap aan zijn dagelijks bestuurders te betalen, bezoldigingsbedrag gesteld op een plafond van 300% van een voltijds bezoldigingsbedrag. Volledigheidshalve wordt nog opgemerkt dat de deeltijdfactor voor een dagelijks bestuurder nooit hoger kan zijn dan 100%.

In het derde en vierde lid wordt een uitzondering gemaakt op dit plafond ingeval een dagelijks bestuurder van een waterschap lid is van het dagelijks bestuur van de Unie van Waterschappen.

De leden van het bestuur worden gekozen uit en door de ledenvergadering. Zij worden voor een periode van drie jaar benoemd met de mogelijkheid tot eenmalige herbenoeming. Elk bestuurslid heeft een eigen portefeuille met onderwerpen en is voorzitter van één of meer commissies. Voor dagelijks bestuurders van waterschappen, die in tegenstelling tot voorzitters niet of nauwelijks voltijds zijn aangesteld, is het in de praktijk niet goed mogelijk om naast de werkzaamheden voor het waterschap ook bestuurslid van de Unie van Waterschappen te zijn. Hierbij speelt dat er binnen de waterschappen sprake is van een beperkte pool van dagelijks bestuurders waaruit kan worden geput. Dit is anders voor bijvoorbeeld de vervulling van bestuursfuncties bij de VNG. Wethouders en gedeputeerden zijn bovendien vaker voltijds benoemd of hebben een grote deeltijdfactor.

Daarom is in artikel 4.5, derde lid, bepaald dat het aantal uren dat een bestuurslid van de Unie van Waterschappen aan zijn functie besteedt, moet worden betrokken bij de vaststelling van zijn deeltijd-factor. Met andere woorden: het desbetreffende lid van het dagelijks bestuur van het waterschap moet de werkzaamheden voor de Unie binnen de (voor hem vastgestelde) totale deeltijdfactor voor het waterschap verrichten. Dit betekent echter dat er voor de werkzaamheden die door het dagelijks bestuur voor het waterschap moeten worden verricht minder (dienst)tijd beschikbaar is.

Op grond van het vierde lid van artikel 4.5 wordt daarom het deel van de bezoldiging dat kan worden toegeschreven aan de extra werkzaamheden die het bestuurslidmaatschap van de Unie met zich meebrengt, buiten beschouwing gelaten bij de toepassing van het eerste lid. In feite wordt hierdoor het bezoldigingsplafond van een waterschap van 300% tijdelijk verhoogd voor de periode dat een dagelijks bestuurder van dat waterschap in het bestuur van de Unie zitting heeft. Deze verhoging is gerelateerd aan het gemiddelde extra tijdbeslag per maand dat gemoeid is met de activiteiten van een lid van het dagelijks bestuur ten behoeve van het bestuur van de Unie.

Regeling
Circulaire Introductie bij waterschappen van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
28-03-2019
BWB-id
BWBR0041882
Versie
2019-03-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl