wetzoeker

Artikel 2.1.6 Onkostenvergoeding Circulaire Introductie bij provincies van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers

Statenleden ontvangen een maandelijkse onkostenvergoeding voor voorzieningen die niet zuiver functioneel zijn, noch zuiver privé. Het statenlid kan deze kosten betalen uit de onkostenvergoeding op grond van artikel 2.1.6. Deze onkostenvergoeding betreft een vast bedrag per maand. Wanneer de uitgaven uitstijgen boven de vaste onkostenvergoeding kunnen deze niet alsnog worden gedeclareerd. De vaste onkostenvergoeding is bedoeld voor in ieder geval de volgende kosten:

• representatie;

• vakliteratuur;

• excursies;

• bureaukosten;

• contributies, lidmaatschappen, zoals contributies van verenigingen en regionale beroepsverbanden (anders dan beroepsverenigingen voor het ambt; daarvoor geldt in artikel 2.3.4 een specifieke vergoeding);

• ontvangsten thuis;

• zakelijke giften.

Betrokkenen ontvangen de onkostenvergoeding vanaf de dag van beëdiging.

De vaste onkostenvergoeding is in artikel 2.3.8 als eindheffingsbestanddeel aangewezen, zodat zij netto uitbetaald wordt.

Daarnaast kunnen statenleden op grond van artikel 2.3.3 aanspraak maken op vergoeding van kosten van bepaalde scholing en op grond van artikel 2.3.4 op vergoeding van de kosten van het lidmaat-schap van een beroepsvereniging. Ook worden hen op grond van artikel 2.3.2 ICT-middelen ter beschikking gesteld. Deze kosten komen dus niet ten laste van de onkostenvergoeding. Dit is nader beschreven in de toelichting op de genoemde artikelen.

Het bedrag van de vaste onkostenvergoeding wordt herzien aan de hand van de consumentenprijsindex (CPI). Voor de indexering wordt uitgegaan van de CPI die geldt voor de maand september van het tweede voorgaande kalenderjaar. Dit is toegelicht in §4, onder “Indexcijfers”.

Regeling
Circulaire Introductie bij provincies van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
28-03-2019
BWB-id
BWBR0041858
Versie
2019-03-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl