wetzoeker

Artikel 2.2.19 Ontslag Circulaire Introductie bij provincies van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers

De ontslagleeftijd van de commissaris is, net als in artikel 19, vierde lid, van het voormalige Rechts-positiebesluit commissarissen van de Koning, gesteld op 70 jaar. Hiermee is aangesloten bij de systematiek zoals deze geldt voor de rechterlijke macht en de Hoge Colleges van Staat. Dit is vastgelegd in het tweede lid.

In het derde lid is een specifieke ontslaggrond opgenomen voor de commissaris ingeval van ziekte. De achtergrond ervan is deze. De Ziektewet kent een termijn van twee jaar, waarbinnen een werknemer niet kan worden ontslagen wegens ziekte. Voor wat betreft de commissaris moeten echter niet alleen de arbeidsrechtelijke aspecten, maar ook de bestuurlijke aspecten in het oog worden gehouden. De betrokken functies kunnen wel gedurende enige tijd worden vervuld door een waarnemer, maar een periode van twee jaar is bestuurlijk ongewenst. Ontslag van een commissaris op grond van ziekte is daarom mogelijk een half jaar na de eerste dag van het ziekteverzuim, tenzij uit geneeskundig onderzoek blijkt dat herstel van zijn ziekte is te verwachten binnen een periode van een jaar na genoemde eerste verzuimdag. Deze ontslaggrond geldt overigens al sinds 2011.

Op grond van artikel 20, vijfde lid, van het voormalige Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning bestond voor de commissaris een zorgplicht van de Minister van BZK om ingeval van ziekte binnen zijn gezagsbereik te onderzoeken of het mogelijk was om betrokkene na zijn ontslag andere arbeid aan te bieden. De commissarissen zijn echter met ingang van 27 februari 2010 onder de werking van de Appa gebracht en komen sindsdien na ontslag dus in aanmerking voor een Appa-uitkering. Nu er een adequate andere voorziening is, was er geen reden meer om deze zorgplichtbepaling in het besluit op te nemen.

Regeling
Circulaire Introductie bij provincies van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
28-03-2019
BWB-id
BWBR0041858
Versie
2019-03-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl