wetzoeker

Artikel 4 Wet bekostiging financieel toezicht 2019

Begroting

1 Onze Ministers stellen voor de begroting van de toezichthouders een kader op. De totale hoogte van het kader is in enig jaar niet hoger dan het maximum in het kader van het daaraan voorafgaande jaar met daarbij opgeteld:

a. loon- of prijsmutatie;

b. de naar kosten herleide mutaties in het takenpakket van de toezichthouder.

2 De begroting van de toezichthouder is in enig jaar niet hoger dan het maximum dat volgt uit het voor het desbetreffende begrotingsjaar vastgestelde kader.

3 Onze Ministers informeren beide kamers der Staten-Generaal tijdig:

a. voorafgaand aan de vaststelling van een kostenkader;

b. voorafgaand aan de wijziging van een kostenkader;

c. bij overschrijding van een kostenkader door een toezichthouder.

4 Onze Ministers kunnen in bijzondere omstandigheden afwijken van dit artikel en informeren de beide kamers der Staten-Generaal hier tijdig over.

Regeling
Wet bekostiging financieel toezicht 2019
Soort
Wet
Geldend vanaf
15-08-2026
BWB-id
BWBR0041548
Versie
2026-08-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl