wetzoeker

5 — Wat te doen met niet-standaardaanvragen Circulaire over beoordeling aanvraag vreemdelingenreisdocument in het licht van internationale betrekkingen

Wat te doen met niet-standaardaanvragen

Als blijkt dat de aanvraag niet binnen één van de drie typen standaardaanvragen valt dan dient de aanvrager met andere bewijsstukken aan te tonen dat van hem redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat hij van de eigen autoriteiten een reisdocument verstrekt krijgt. Hierbij kan gedacht worden aan onbeantwoorde aangetekende brieven van de aanvrager aan de ambassade of het consulaat van het land waarvan de aanvrager de nationaliteit bezit. Het kan ook een reactie van de ambassade of consulaat zijn dat geen reisdocument verstrekt kan worden. In de praktijk kan het voorkomen dat de aanvrager stelt geen contact op te kunnen nemen met het consulaat. In een dergelijke geval zal de aanvrager dit moeten onderbouwen met bewijsstukken (bijv. door middel van verzendbewijzen). De burgemeester of gezaghebber stuurt onderdeel 1 en 2a (IND) van het C1 formulier en de bewijsstukken aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Ook indien twijfel bestaat bij de burgemeester of gezaghebber of een aanvraag onder één van bovengenoemde standaardsituaties valt dan stuurt de burgemeester of gezaghebber het C1 formulier een aanvullende stukken aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

De Minister van Buitenlandse Zaken informeert de burgemeester of gezaghebber schriftelijk en gemotiveerd over mogelijke bedenkingen door het terugsturen van het C1 formulier onderdeel 1 en 2a (IND) aangevuld met onderdeel 2b. Op basis van deze schriftelijke motivering van de Minister van Buitenlandse Zaken kan de burgemeester of gezaghebber een gemotiveerd besluit nemen over de aanspraak.

Regeling
Circulaire over beoordeling aanvraag vreemdelingenreisdocument in het licht van internationale betrekkingen
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-10-2018
BWB-id
BWBR0041504
Versie
2018-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl