wetzoeker

Artikel 5 Regeling ambtseed burgerambtenaren Defensie

1 Het afleggen van de eed geschiedt door voorlezing van de tekst van het formulier als bedoeld in de bijlage van deze regeling, door de commandant, waarna de ambtenaar woordelijk uitspreekt: ‘Zo waarlijk helpe mij God Almachtig’.

2 Het afleggen van de belofte geschiedt door voorlezing van de tekst van het formulier als bedoeld in de bijlage van deze regeling, door de autoriteit, waarna de ambtenaar woordelijk uitspreekt: ‘Dat verklaar en beloof ik’.

3 De eed wordt staande afgelegd, waarbij de ambtenaar de twee voorste vingers van de rechterhand opsteekt. De belofte wordt staande afgelegd, zonder handopsteken.

Regeling
Regeling ambtseed burgerambtenaren Defensie
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
12-05-2003
BWB-id
BWBR0041484
Versie
2003-05-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl