wetzoeker

Regeling subsidieverstrekking SBB

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van 10 oktober 2018, nr. MBO/1355636, in verband met subsidieverstrekking aan de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven (Regeling subsidieverstrekking SBB)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-08-2026
Rechtsgebied
Onderwijsrecht
Ministerie
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
BWB-id
BWBR0041469
Versie
2026-08-01_0
SHA-256 bron
65e29bd867a48092b5653fe7ed71ee4ab853ad36d2bac2ee136c19ba13552b6a

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (10)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 7a
  9. Artikel 8
  10. Artikel 9

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

SBB: Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel 2

1 SBB ontvangt instellingssubsidie voor de uitvoering van haar wettelijke taken.

2 De Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is van toepassing.

3 De financiële verantwoording geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig artikel 9.2, eerste lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.

Artikel 3

De minister kan SBB toestemming geven om in afwijking van artikel 8.7, tweede lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS een grotere egalisatiereserve te vormen dan 10%.

Artikel 4

1 SBB vormt een voorziening voor de verplichtingen met betrekking tot gewezen personeel als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet van 16 april 2015 tot wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs inzake overgang van de wettelijke taken van kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven naar de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven (Stb. 2015, 170), alsmede voor het beheer van de verplichtingen en al hetgeen daaruit voortvloeit.

2 Voor het bepalen van de hoogte van de voorziening wordt uitgegaan van een maximaal risico.

3 Indien in enig jaar uit de jaarrekening blijkt dat de stand van de voorziening hoger is dan redelijkerwijs noodzakelijk is voor het doel, wordt dit overschot eerst ingezet om de egalisatiereserve aan te vullen. Het overschot dat resteert wordt verrekend met de te verlenen subsidie voor het volgend jaar.

4 SBB verstrekt de minister op diens verzoek alle gegevens die nodig zijn om de hoogte van de voorziening te kunnen beoordelen.

Artikel 5

1 SBB vormt een bestemmingsfonds voor de WW/BWR verplichtingen met betrekking tot zittend personeel als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet van 16 april 2015 tot wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs inzake overgang van de wettelijke taken van kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven naar de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven (Stb. 2015, 170).

2 Voor het bepalen van de hoogte van het bestemmingsfonds wordt uitgegaan van een maximaal risico.

3 Indien in enig jaar uit de jaarrekening blijkt dat de stand van het bestemmingsfonds hoger is dan redelijkerwijs noodzakelijk is voor het doel, wordt dit overschot eerst ingezet om de egalisatiereserve aan te vullen. Het overschot dat resteert wordt verrekend met de te verlenen subsidie voor het volgend jaar.

4 SBB verstrekt de minister op diens verzoek alle gegevens die nodig zijn om de hoogte van het bestemmingsfonds te kunnen beoordelen.

Artikel 6

De Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7

Wijzigt de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.

Artikel 7a

Deze regeling is mede gebaseerd op artikel 5.45 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de artikelen 5.2.4, zevende lid, en 5.2.7 van de Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2017.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidieverstrekking SBB.