wetzoeker

Artikel 3 Besluit onderzoek in een geautomatiseerd werk

Deskundigheid van opsporingsambtenaren

1 Een opsporingsambtenaar als bedoeld in de artikelen 141, onder b, c en d, en 142 van het Wetboek van Strafvordering kan door zijn werkgever worden aangewezen voor het binnendringen in een geautomatiseerd werk en het, al dan niet met een technisch hulpmiddel, verrichten van onderzoekshandelingen als bedoeld in de artikelen 126nba, eerste lid, 126uba, eerste lid, en 126zpa, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.

2 Een op grond van het eerste lid aangewezen opsporingsambtenaar kan uitsluitend met de uitvoering van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid worden belast als hij lid is van een technisch team.

3 Een op grond van het eerste lid aangewezen opsporingsambtenaar kan door de korpschef worden aangewezen als lid van een technisch team indien hij heeft voldaan aan door Onze Minister aangewezen kwalificaties.

Regeling
Besluit onderzoek in een geautomatiseerd werk
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2024
BWB-id
BWBR0041426
Versie
2024-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl