wetzoeker

Artikel 8.59 Besluit kwaliteit leefomgeving

Specifieke voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit – bodembescherming stortplaatsen, anders dan voor alleen baggerspecie

1 Aan een omgevingsvergunning worden voorschriften verbonden die inhouden dat:

a. voordat voor de eerste keer wordt gestort, daarna en onverwijld nadat een bovenafdichting als bedoeld in artikel 8.48 is aangebracht:

1°. wordt nagegaan of wordt voldaan aan de voorschriften die op grond van artikel 8.47 aan de omgevingsvergunning zijn verbonden;

2°. de bodembeschermende maatregelen die op de stortplaats zijn getroffen, worden geïnspecteerd en gekeurd;

3°. de technische staat van die maatregelen wordt onderzocht;

4°. het percolaat wordt geanalyseerd; en

5°. onderzoek wordt gedaan naar de staat van de bodem onder de stortplaats;

b. de resultaten van de keuring, het onderzoek en de analyse zo worden gepresenteerd dat duidelijk inzicht wordt gegeven in de beheersbaarheid van de situatie;

c. de resultaten van de keuring, het onderzoek en de analyse zo spoedig mogelijk aan het bevoegd gezag worden gezonden; en

d. de resultaten van de keuring, het onderzoek en de analyse gedurende ten minste vijf jaar worden bewaard.

2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over het aan een omgevingsvergunning verbinden van voorschriften over:

a. de wijze waarop en de frequentie waarmee de inspectie, de keuring, het onderzoek en de analyse, bedoeld in het eerste lid, onder a, onder 1° tot en met 4°, plaatsvinden; en

b. het onderzoek naar de staat van de bodem onder de stortplaats, bedoeld in het eerste lid, onder a, onder 5°.

Regeling
Besluit kwaliteit leefomgeving
Afkortingen
Bkl
Soort
AMvB
Geldend vanaf
11-07-2026
BWB-id
BWBR0041313
Versie
2026-07-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl