wetzoeker

5 — Autorisaties (art. 6 Wpg) Aanwijzing Wet politiegegevens en de rol van de officier van justitie

Autorisaties (art. 6 Wpg)

Politiegegevens worden slechts verwerkt door ambtenaren van politie

9 Met de term ‘ambtenaar van politie’ worden tevens de ambtenaren van de Koninklijke marechaussee en de bijzondere opsporingsdiensten bedoeld (art. 1 onder k Wpg).

die daartoe door de verantwoordelijke zijn geautoriseerd en voor zover de autorisatie strekt (art. 6 lid 2 Wpg)

10 In bijzondere gevallen kunnen ook personen die geen ambtenaar van politie zijn worden geautoriseerd voor de verwerking van politiegegevens (art. 6 lid 4 Wpg).

. In het Bpg en het Bpgbo zijn nadere regels gesteld over de categorieën van personen die voor gegevensverwerkingen van respectievelijk informanten (art. 12 lid 1 Wpg), gegevensverwerking ernstige misdrijven (art. 10 lid 1, onder b Wpg), de CI-verwerking (art. 10 lid 1, onder a Wpg) en de RID-verwerking (art. 10 lid 1, onder c Wpg) geautoriseerd kunnen worden en de deskundigheidseisen die aan hen kunnen worden gesteld.

De categorieën van (politie)ambtenaren die in aanmerking kunnen komen voor deze autorisaties worden aangewezen met instemming van de CI-officier van justitie (art. 2:6 Bpg en art. 2 lid 2 Bpgbo).

Regeling
Aanwijzing Wet politiegegevens en de rol van de officier van justitie
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2018
BWB-id
BWBR0041096
Versie
2018-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl