wetzoeker

Artikel 27 Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten

Het verzoek

1 Uit de verklaring, bedoeld in artikel 26, zesde lid, onderdeel d, blijkt:

a. dat er sprake is van onvrijwilligheid, als bedoeld in artikel 24, tweede lid, en waaruit deze onvrijwilligheid bestaat;

b. dat er sprake is van gedrag van de cliënt als gevolg van zijn psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap, dan wel als gevolg van een daarmee gepaard gaande psychische stoornis of een combinatie daarvan, dat leidt tot ernstig nadeel;

c. dat de opname en het verblijf of de voortzetting van het verblijf noodzakelijk is om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden;

d. dat de opname en het verblijf of de voortzetting van het verblijf geschikt is om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden, en

e. dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden.

2 De verklaring verschaft inzicht in de actuele situatie van de cliënt, wordt met redenen omkleed en ondertekend.

3 De arts die de verklaring opstelt, pleegt van tevoren overleg met de zorgaanbieder die de cliënt zorg verleent of, indien deze ontbreekt, met de huisarts van de cliënt.

Regeling
Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten
Afkortingen
Wzd
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0040632
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl