wetzoeker

1.1 — Algemeen ANVS-verordening basisveiligheidsnormen stralingsbescherming

Algemeen

Artikel 4.37 tot en met 4.39 van de verordening en deze bijlage betreffen handelingen met bronnen van ioniserende straling.

Voor handelingen, dat wil zeggen het bereiden, voorhanden hebben, bewerken, toepassen of zich ontdoen van radioactieve stoffen of het gebruik van toestellen en versnellers, is in veel gevallen een registratie of een vergunning volgens de Kernenergiewet nodig

3 Voor nadere informatie over de registratie- en vergunningplicht zie hoofdstuk 3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.

. Dat geldt ook voor handelingen met van nature voorkomend materiaal

4 Voor nadere informatie over handelingen met van nature voorkomend materiaal zie hoofdstuk 3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.

.

Volgens artikel 3.9 van de verordening bevat elke kennisgeving ten behoeve van een aanvraag om een registratie van een handeling, onder andere, een opgave van de maximale totale effectieve dosis die een persoon per jaar buiten de locatie kan ontvangen ten gevolge van handelingen met die bron. Volgens artikel 3.2 van de verordening bevat elke kennisgeving ten behoeve van een aanvraag om een vergunning voor een handeling, onder andere, de maximale totale effectieve dosis die een persoon in een kalenderjaar kan ontvangen op enig punt buiten de locatie waarop aanvraag van toepassing is, zowel ten gevolge van lozingen als ten gevolge van externe straling. Het besluit stelt voorts in artikel 4.29 dat door de Autoriteit regels kunnen worden gesteld voor de bepaling van de doses

5 Indien in deze bijlage kortheidshalve de term ‘dosis’ wordt gebruikt, wordt steeds ‘effectieve dosis’ bedoeld, tenzij nadrukkelijk anders wordt vermeld.

en methoden kunnen worden aangewezen voor de wijze waarop de berekende doses worden getoetst. Deze bijlage bevat de hierboven bedoelde regels en methoden.

De volgende dosisniveaus worden gehanteerd:

• een dosisbeperking van 10 µSv in een jaar, indien de handeling behoort tot een in artikel 3.10 van het besluit genoemde categorie,

• een locatielimiet van 100 µSv in een jaar, waarboven, indien de handeling behoort tot een in artikel 3.8 van het besluit genoemde categorie, geen vergunning wordt verleend, en

• een Secundair Niveau (SN) van 1 µSv (voor lucht- en waterlozingen) en 10 µSv (voor externe straling) in een jaar waar beneden vanuit milieu-oogpunt nooit bezwaar bestaat tegen autorisatie

6 Autorisatie is het stelsel van registraties en vergunningen welke is ingericht voor het reguleren van handelingen met bronnen van ioniserende straling, zie hoofdstuk 3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.

, mits de handeling gerechtvaardigd is.

Het SN is een niveau waaronder de invulling van het ALARA-beginsel

7 ALARA is acronym van ‘As Low As Reasonably Achievable’. ALARA is het beginsel van stralingsbescherming waarin is vastgelegd dat een blootstelling geoptimaliseerd is. Daarbij dient de grootte van de effectieve of equivalente dosis van personen, de kans op optreden van blootstelling en het aantal blootgestelde personen zo beperkt als redelijkerwijs mogelijk te worden gehouden. Bij 'zo laag als redelijkerwijs mogelijk' dient de redelijkheid gebaseerd te zijn op de actuele stand der techniek en economische en sociale factoren. De overheid verplicht de ondernemer te handelen overeenkomstig het optimalisatie-beginsel.

vanuit de overheid minder prioriteit heeft en de verantwoordelijkheid voor het toepassen hiervan bij de ondernemer wordt gelegd. De ondernemer heeft de verplichting om het ALARA-beginsel in de praktijk door te voeren.

In deze bijlage wordt niet ingegaan op de toepassing van het ALARA beginsel en ook niet op de vraag of een handeling al dan niet gerechtvaardigd is.

Regeling
ANVS-verordening basisveiligheidsnormen stralingsbescherming
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-07-2023
BWB-id
BWBR0040581
Versie
2023-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl