wetzoeker

Artikel 5b Rijkswet consulaire bescherming EU-burgers

EU-noodreisdocument

1 Onze Minister geeft op aanvraag een EU-noodreisdocument af aan andere EU-burgers dan Nederlanders en hun familieleden als:

a. de lidstaat waarvan die EU-burger de nationaliteit draagt niet vertegenwoordigd is in een derde land of de vertegenwoordiging van die lidstaat niet in staat is om een EU-noodreisdocument af te geven, en

b. het paspoort of reisdocument van die EU-burger of zijn familielid verloren, gestolen of vernietigd is, of om een andere reden niet binnen een redelijke termijn kan worden verkregen.

2 Onze Minister geeft een EU-noodreisdocument alleen af aan een familielid die geen EU-burger is en die een EU-burger in een derde land vergezelt als dat familielid legaal in een lidstaat verblijft, onverminderd de toepasselijke visumvereisten op grond van Verordening (EU) 2018/1806 en artikel 5, tweede lid, van Richtlijn 2004/38/EG.

Regeling
Rijkswet consulaire bescherming EU-burgers
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
03-05-2025
BWB-id
BWBR0040520
Versie
2025-05-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl