wetzoeker

Regeling indexering bedragen in de Algemene wet bestuursrecht, enz.

Regeling van de Minister voor Rechtsbescherming van 4 december 2017, nr. 2164326 tot indexering van bedragen in de Algemene wet bestuursrecht, het Besluit proceskosten bestuursrecht en de Wet griffierechten burgerlijke zaken

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2018
Rechtsgebied
Burgerlijk procesrecht, Procesrecht
Ministerie
Justitie en Veiligheid
BWB-id
BWBR0040355
Versie
2018-01-01_0
SHA-256 bron
316579c70e5800d456b24368d9a09d1d3d632f4a3e5ed37370d7f6786b27b7f1

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (6)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III
  4. Artikel IV
  5. Artikel V
  6. Artikel VI

Artikel I

Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel II

Wijzigt het Besluit proceskosten bestuursrecht.

Artikel III

Wijzigt de Wet griffierechten burgerlijke zaken.

Artikel IV

1 Artikel 8:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht zoals dat lid luidde voor 1 januari 2018 blijft van toepassing als het beroepschrift voor die datum is ontvangen. Als de eerste volzin van toepassing is en na 2017 een ander beroepschrift wordt ontvangen dat gericht is tegen hetzelfde besluit, wordt de eerste volzin ook toegepast op dat andere beroepschrift.

2 Artikel 8:109, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht zoals dat lid luidde voor 1 januari 2018 blijft van toepassing als het hogerberoepschrift voor die datum is ontvangen. Als de eerste volzin van toepassing is en na 2017 een ander hogerberoepschrift wordt ontvangen dat gericht is tegen dezelfde uitspraak, wordt de eerste volzin ook toegepast op dat andere hogerberoepschrift.

Artikel V

Het griffierecht in burgerlijke zaken zoals het gold vóór 1 januari 2018 blijft van toepassing:

a. voor de eiser of verzoeker die dit griffierecht voor die datum verschuldigd is geworden;

b. voor de gedaagde die verschijnt in een dagvaardingsprocedure waarin het exploot van dagvaarding voor die datum is betekend en in dat exploot een rechtsgeldige mededeling en verwijzing inzake griffierechten als bedoeld in artikel 111, tweede lid, onder k, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is opgenomen;

c. voor de belanghebbende die schriftelijk verweer voert in een verzoekschriftprocedure, waarvoor de oproeping is gedagtekend voor die datum en in die oproeping een rechtsgeldige mededeling en verwijzing inzake griffierechten is opgenomen als bedoeld in artikel 276, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;

d. voor de verweerder die verschijnt in een vorderingsprocedure als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (nieuw), waarvoor het oproepingsbericht is gedagtekend voor die datum en in dat oproepingsbericht een rechtsgeldige mededeling en verwijzing inzake griffierechten is opgenomen als bedoeld in artikel 111, tweede lid, onder g, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (nieuw).

Artikel VI

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2018.