wetzoeker

2.3 — Levensbeëindiging pasgeborenen Aanwijzing vervolgingsbeslissing inzake late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen

Levensbeëindiging pasgeborenen

De levensbeëindiging bij pasgeborenen valt door het ontbreken van een verzoek van de patiënt niet onder de werking van de artikelen 293 en 294 Sr maar onder de werking van artikel 82a en 289 Sr en is dus in beginsel strafbaar. Een beroep op de rechtvaardigingsgrond van overmacht in de zin van noodtoestand (art. 40 Sr) kan de strafbaarheid wegnemen, indien aan de zorgvuldigheidseisen genoemd in artikel 7 van de Regeling is voldaan. De zorgvuldigheidseisen zijn hieronder uiteengezet in paragraaf 4.2.

Regeling
Aanwijzing vervolgingsbeslissing inzake late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-12-2017
BWB-id
BWBR0040270
Versie
2017-12-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl