wetzoeker

2.2 — Late zwangerschapsafbreking categorie 2 Aanwijzing vervolgingsbeslissing inzake late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen

Late zwangerschapsafbreking categorie 2

De afbreking van een zwangerschap in geval van een aandoening, waarbij bij de ongeborene sprake is van één of meer aandoeningen die tot ernstige en niet te herstellen functiestoornissen leidt of leiden of omdat voor de ongeborene naar redelijke verwachting een beperkte kans op overleven bestaat, valt niet alleen onder de werking van artikel 296 Sr en de Wet zwangerschapsafbreking, maar ook onder de werking van artikel 82a Sr en 289 Sr en is dus in beginsel strafbaar. Een beroep op de rechtvaardigingsgrond van overmacht in de zin van noodtoestand (artikel 40 Sr) kan de strafbaarheid van het feit wegnemen, indien aan de zorgvuldigheidseisen genoemd in artikel 6 van de Regeling is voldaan. De Beoordelingscommissie brengt haar oordeel van zowel het zorgvuldig als het onzorgvuldig handelen ter kennis van het College. Het College beoordeelt vervolgens of de arts een geslaagd beroep toekomt op de bovengenoemde strafuitsluitingsgrond. De zorgvuldigheidseisen, neergelegd in artikel 6 van de Regeling, zijn hieronder nader uiteengezet in paragraaf 4.2.

Regeling
Aanwijzing vervolgingsbeslissing inzake late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-12-2017
BWB-id
BWBR0040270
Versie
2017-12-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl