wetzoeker

Artikel 62 Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017

Algemene bepalingen

1 De diensten zijn in het kader van een goede taakuitvoering bevoegd om omtrent door of ten behoeve van de dienst verwerkte gegevens mededeling te doen aan:

a. Onze Ministers wie deze aangaan;

b. andere bestuursorganen wie deze aangaan;

c. andere personen of instanties wie deze aangaan;

d. daarvoor in aanmerking komende inlichtingen- en veiligheidsdiensten van andere landen waarmee een samenwerkingsrelatie als bedoeld in artikel 88, eerste lid, wordt onderhouden, alsmede andere daarvoor in aanmerking komende internationale beveiligings-, verbindingsinlichtingen- en inlichtingenorganen.

2 Een mededeling als bedoeld in het eerste lid geschiedt door Onze betrokken Minister, indien de aard van de mededeling daartoe aanleiding geeft.

3 Onverminderd de mededeling, bedoeld in het eerste lid, kan van door de diensten verwerkte gegevens voorts slechts mededeling worden gedaan in de gevallen voorzien bij deze wet.

Regeling
Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0039896
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl