wetzoeker

IV — Drempelcriteria Besluit vaststelling subsidieplafond en beleidsregels voor subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Gedetineerdenbegeleiding buitenland geestelijke zorg 2018–2019)

Drempelcriteria

Om voor subsidieverlening in het kader van Gedetineerdenbegeleiding buitenland geestelijke zorg 2018–2019 in aanmerking te kunnen komen dient een subsidieaanvraag in ieder geval aan de volgende criteria te voldoen:

1. De aanvrager is een Nederlandse rechtspersoon, statutair gevestigd in Nederland, die relevante ervaring heeft op het gebied van gedetineerdenbegeleiding in Nederland en/of het buitenland;

2. De organisatie beschikt over een lokaal netwerk van vrijwilligers, medewerkers en/of experts in de voor gedetineerdenbegeleiding, in het bijzonder geestelijke zorg, relevante landen (de landen van detentie

4 Op verzoek verstrekt het Ministerie van Buitenlandse Zaken een lijst van landen van detentie met actuele aantallen Nederlandse gedetineerden.

) dan wel is in staat een dergelijk netwerk op korte termijn op te bouwen. Naast beschikbaarheid in de voor gedetineerdenbegeleiding, onderdeel geestelijke zorg, relevante landen moet het lokaal netwerk ook relevant zijn in de zin van kwaliteit, zoals relevante kennis en kunde m.h.o.o. de activiteiten op het gebied van geestelijke zorg, en beschikbaarheid in tijd. Indien een lokaal netwerk moet worden op- of uitgebouwd, geeft de organisatie inzicht in een gemotiveerde aanpak met een concreet tijdpad, waarbij voor het realiseren van een adequaat lokaal netwerk een maximale termijn van drie maanden geldt.

Een lokaal netwerk is adequaat zodra in 75 à 100% van de zorglanden waar er sprake is van Nederlandse gedetineerden die in aanmerking komen voor begeleiding en deze wensen te ontvangen, deze bijstand door een lokale vrijwilliger, medewerker en/of expert kan worden verleend. Met het oog op het gewenste maatwerk geldt hierbij het uitgangspunt dat de lokale vrijwilliger, medewerker en/of expert in het land van de gedetineerde woonachtig is of in het grensgebied van een buurland nabij de detentiefaciliteit(-en).

3. De aanvraag betreft activiteiten op het gebied van de volgende vorm van gedetineerdenbegeleiding: geestelijke zorg aan Nederlandse gedetineerden die in aanmerking komen voor het aanvullend maatwerkpakket, aanvullend op de zorg die reeds door lokale gevangenissen wordt gegeven, op maatschappelijk, sociaal dan wel geestelijk vlak, in landen die niet zijn opgenomen op de landenlijst van Annex 1 bij deze bijlage

5 De Minister van Buitenlandse Zaken kan landen op- en afvoeren van de lijst. Indien het afvoeren van een land of landen door de Minister van Buitenlandse Zaken voor de organisatie leidt tot meerkosten op het gebied van zorg kan de organisatie bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken een gemotiveerde claim indienen. Dit geldt alleen voor activiteiten en kosten waar de indeling volgens de landenlijst van Annex I op van invloed is.

;

Indien aan één of meer van deze criteria niet wordt voldaan, wordt de aanvraag afgewezen en niet verder beoordeeld.

Regeling
Besluit vaststelling subsidieplafond en beleidsregels voor subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Gedetineerdenbegeleiding buitenland geestelijke zorg 2018–2019)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
03-08-2017
BWB-id
BWBR0039860
Versie
2017-08-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl