wetzoeker

Vergoedingenregeling NRGD

Besluit van 13 juli 2017, nr. 2022588, strekkende tot vaststelling van de vergoedingen van het College en commissies van het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (Vergoedingenregeling NRGD)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2020
Rechtsgebied
Ambtenarenrecht, Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0039822
Versie
2020-01-01_0
SHA-256 bron
4fc4c287fc7ee5ad26f37a15c6240ad4f955315d91d7390be1f11e785ceeb99f

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. College: het College gerechtelijk deskundigen als bedoeld in artikel 3 van het Besluit register deskundige in strafzaken;

b. commissies: de door het College ingestelde commissies als bedoeld in artikel 7, derde lid, van het Besluit register deskundige in strafzaken en artikel 7, 8 en 9 van het van het Bestuursreglement College gerechtelijk deskundigen;

c. Besluit: het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies.

Artikel 2

1 De voorzitter van het College ontvangt voor zijn werkzaamheden een vaste vergoeding per maand op basis van het maandsalaris conform de hoogste trede van schaal 17 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren en een arbeidsduurfactor van 0,2.

2 De leden van het College die niet in dienst zijn van het Rijk ontvangen een vaste vergoeding per maand op basis van het maandsalaris conform de hoogste trede van schaal 17 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren en een arbeidsduurfactor van 0,1.

Artikel 3

1 De leden van de commissies ontvangen per vergadering een vergoeding van 3% van de hoogste trede van schaal 17 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren.

2 Indien de leden van de commissies voor een vergadering in het buitenland de grens over moeten reizen, kan, in afwijking van artikel 2 van het Besluit, de in het eerste lid bedoelde vergoeding worden verhoogd tot maximaal het tweevoudige.

Artikel 4

De voorzitter en de leden van het College ontvangen een vergoeding wegens reis- en verblijfkosten overeenkomstig de bepalingen die gelden voor burgerlijke rijksambtenaren.