wetzoeker

Artikel 9 Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties (VVHO)

Overige voorzieningen

1. Aan de militair wordt gedurende de inzet geen verlof op grond van hoofdstuk 8 van het Algemeen militair ambtenarenreglement verleend, tenzij de Commandant der Strijdkrachten die verlofverlening noodzakelijk acht.

2. Vrijstelling van werkzaamheden in het kader van werk- en rusttijden, alsmede verlof verleend door of vanwege het orgaan, is geen verlof als bedoeld in hoofdstuk 8 van het Algemeen militair ambtenarenreglement. Voor zover vorenbedoelde vrije tijd of verlof niet reeds is genoten, vervallen deze bij definitief vertrek uit het operatiegebied.

3. Tijdens verlof, bedoeld in het eerste lid, bestaat geen aanspraak op de voorzieningen bedoeld in paragraaf 2.

4. In afwijking van het gestelde in het derde lid bestaat aanspraak op de voorzieningen bedoeld in paragraaf 2 gedurende de periode dat een militair in verband met bijzonder verlof buiten het missiegebied verblijft in verband met:

a. ernstige ziekte van de echtgenote of echtgenoot van de militair, de persoon met wie de militair ongehuwd samenwoont of een van zijn bloed- of aanverwanten in de eerste graad;

b. de bevalling van zijn echtgenote of de persoon met wie de militair ongehuwd samenwoont;

c. het overlijden en lijkbezorging van de echtgenote of echtgenoot van de militair, de persoon met wie de militair ongehuwd samenwoont of een van zijn bloed- en aanverwanten in de eerste graad.

zulks met een maximum van 14 dagen.

Regeling
Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties (VVHO)
Afkortingen
VVHO
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
26-08-2026
BWB-id
BWBR0039789
Versie
2026-08-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl