wetzoeker

3 — Overige informatie die van de verzoeker gevraagd wordt alvorens de Nederlandse Arbeidsinspectie het onderzoek zal starten Beleidsregel toetsingskader verzoeken artikel 10 Wet Avv

Overige informatie die van de verzoeker gevraagd wordt alvorens de Nederlandse Arbeidsinspectie het onderzoek zal starten

De Nederlandse Arbeidsinspectie zal voorafgaand aan het onderzoek de verzoeker vragen zo concreet mogelijk aan te geven:

a. de periode waarbinnen de vermoedens van niet-naleving zich hebben voorgedaan. Nota bene: deze periode dient te vallen binnen het tijdvak waarover de cao algemeen verbindend is verklaard;

b. op welke bepaling of bepalingen van de aangegeven avv’de cao het verzoek betrekking moet hebben. De verzoeker zal daarbij worden verzocht zo concreet mogelijk aan te geven welke bepaling of bepalingen naar zijn mening vermoedelijk door de onderneming worden overtreden.

De verzoeker motiveert zijn vermoeden aan de hand van de informatie die de verzoeker ter beschikking stelt, zoals een brief aan de desbetreffende onderneming waarin hij wordt verzocht om de desbetreffende bepalingen na te leven, concrete meldingen of een bewijs dat de ondernemer is aangeschreven om inzage te geven in de stukken.

Op de verzoeker rust de inspanningsverplichting om de bij hem bekende feiten en omstandigheden te melden. Dit kan bijvoorbeeld door middel van bewijsrechtelijke acties die zijn ondernomen ten behoeve van een civielrechtelijke vordering, zoals het verzamelen van getuigenverklaringen. Dit kan ook geschieden door een grondige beschrijving van de situatie en de hand van de aangetroffen feiten en omstandigheden.

Regeling
Beleidsregel toetsingskader verzoeken artikel 10 Wet Avv
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-01-2022
BWB-id
BWBR0039599
Versie
2022-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl