wetzoeker

Artikel 2.15 Comptabiliteitswet 2016

Begrotingsstelsel en beginselen

1 Tot een kasuitgave, respectievelijk een kasontvangst, wordt gerekend:

a. een betaling met liquide middelen, respectievelijk een ontvangst van liquide middelen;

b. de financiële waarde die wordt afgestaan, respectievelijk wordt ontvangen, bij een transactie waarbij de onderlinge schulden en vorderingen met elkaar worden verrekend;

c. een toevoeging, respectievelijk een onttrekking, aan een kasreserve als bedoeld in artikel 2.20, achtste lid, of aan een begrotingsreserve als bedoeld in artikel 2.21, tweede lid.

2 Bepalend voor het begrotingsjaar ten laste waarvan een kasuitgave, respectievelijk ten gunste waarvan een kasontvangst wordt gebracht, is:

a. de datum waarop de betaling is verricht, respectievelijk de ontvangst is verkregen, voor een betaling met liquide middelen of een ontvangst van liquide middelen;

b. de datum waarop de transactie controleerbaar is vastgelegd voor een transactie waarbij de onderlinge schulden en vorderingen met elkaar worden verrekend;

c. de datum waarop de toevoeging of de onttrekking in de boekhouding is vastgelegd voor een kasreserve en een begrotingsreserve.

Regeling
Comptabiliteitswet 2016
Soort
Wet
Geldend vanaf
04-06-2026
BWB-id
BWBR0039429
Versie
2026-06-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl