wetzoeker

Artikel 3 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit 2017

1 De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten behorend tot het domein II, Milieu, welzijn en infrastructuur, als genoemd in onderdeel 7.4 van de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar.

2 De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt:

a. voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken;

b. voor de visserijzone, zoals bedoeld in de Machtigingswet instelling visserijzone en het uitvoeringsbesluit ex artikel 1 van de Machtigingswet instelling visserijzone;

c. buiten de onder a. en b. genoemde gebieden:

1°. aan boord van vissersschepen varende onder de Nederlandse vlag;

2°. voor de opsporing van krachtens artikel 3a van de Visserijwet 1963 strafbaar gestelde gedragingen, voor zover het betreft de overtreding van regelen als bedoeld in artikel 58, onderdeel b, van die wet, een en ander met inachtneming van de geldende volkenrechtelijke en interregionale bepalingen.

3 De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het in het eerste lid genoemde domein.

Regeling
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit 2017
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2017
BWB-id
BWBR0039356
Versie
2017-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl