wetzoeker

4 — Tabel: beantwoording van de afzonderlijke zienswijzen (deel 1) Kavelbesluit I windenergiegebied Hollandse Kust (zuid)

Tabel: beantwoording van de afzonderlijke zienswijzen

Volg-nummer | Thema | Zienswijzenummer | Samenvatting zienswijze | Reactie van het bevoegd gezag

Algemeen

1 | | 28, 35, 36, 37, 39, 40, 41, 43, 45, 46, 47, 48, 49, 53, 55, 56, 69, 74, 75, 76, 77, 78 | Indieners zijn van mening dat de gekozen volgorde van de bestuurlijke besluitvorming niet wenselijk is. O.a. het opknippen van de besluitvorming van kavels I en II en kavels III en IV Hollandse Kust (zuid). | Zie voor toelichting op de bestuurlijke besluitvorming algemeen deel hoofdstuk 2. Kavelbesluiten in een groter kader.

2 | | 46 | In het nationaal kustpact worden door I en M, natuurorganisaties, lokale overheden en andere belanghebbende organisaties afspraken vastgelegd die bescherming moeten bieden aan de gehele kuststrook in Nederland. De keuze voor windparken dichtbij de kust staat op gespannen voet met de intenties van het nationaal kustpact. | Zie beantwoording algemene deel onder hoofdstuk 3 onder thema A3.

3 | | 23, 46 | Indieners stellen dat de belangenafwegingen en negatieven effecten ondergeschikt zijn aan het belang van het zo goedkoop mogelijk realiseren van duurzame energie. De locaties worden slechts op grond van economische motieven gekozen. Daarnaast worden de negatieve effecten op geen enkele manier gecompenseerd door het ministerie. | Zie beantwoording algemeen deel hoofdstuk 3 onder thema A1 en A2. Indien toch blijkt dat nadeel wordt ondervonden door betrokkenen kan een separaat besluit genomen worden over de vraag of nadeelcompensatie verschuldigd is aan degenen die mogelijkerwijs hinder ondervinden van de aangewezen kavels. In die besluiten wordt overeenkomstig de criteria voor nadeelcompensatie getoetst of eventuele schade voorzienbaar was, of sprake is van een bijzondere last en of de last het normale bedrijfsrisico te boven gaat.

4 | | 33, 34 | Indieners stellen dat er geleerd moet worden van ervaringen uit het buitenland (geen vermindering CO2 uitstoot, hoge onderhoudskosten daarom windparken niet rendabel). | In paragraaf 11.4 van het MER is aangegeven dat de jaarlijkse CO2 reductie 800 Mton per park per jaar bedraagt. Dat is een aanzienlijke reductie. Uit de tender van de windparken Borssele I en II blijkt dat er een groot aantal consortia belangstelling hebben een windpark te bouwen en dat de kostprijs per opgewekte kWh met meer dan 40% is gedaald ten opzichte van 2010.

5 | | 33, 34 | Indieners willen meer windturbines op land. | Zie voor beantwoording algemene tekst hoofdstuk 3 onder thema A1.

6 | | 40 | Windturbines dichter bij de kust zorgen voor minder wind aan land. Rendement windenergie op land zal afnemen. Is hier rekening mee gehouden? | De kortste afstand van kavelbesluiten I en II Hollandse Kust (zuid) tot de kust is 22,2 kilometer en de afstand tot de dichtstbijzijnde windmolens op land nog groter. De effecten zijn verwaarloosbaar gezien de afstand en overheersende windrichting.

7 | | 64, 73 | Indiener verzoekt om de term bekabeling van het park expliciet op te nemen in de begripsbepalingen bij de voorschriften. | De term bekabeling zal niet worden opgenomen in de begripsbepalingen van de kavelbesluiten omdat deze term niet voorkomt in de voorschriften.

8 | | 64, 73 | Indiener verzoek tot verwijdering bovengrens vermogen per windturbine of ten minste op 12 MW en bij voorkeur op 15 MW te zetten. Max rotordiameter van 250 meter en tiphoogte 300 meter. | In het voorschrift is geen bovengrens aan het vermogen meer opgenomen, omdat dit niet bepalend is voor de milieueffecten. Wel blijven de buitenmaten (rotordiameter, tiphoogte) van de turbines als randvoorwaarden opgenomen. Naar verwachting kan voor Hollandse Kust (zuid en noord) worden volstaan met de huidige buitenmaten. Voor eventuele doorgroei van windenergie op zee na het Energieakkoord en verder op zee kunnen andere buitenmaten onderzocht worden.

9 | | 60 | Indiener verzoekt om een turbinevermogen van 10 tot 12 MW in tegenstelling tot minimumeis van 6 MW in de kavelbesluiten, wat leidt tot lagere investeringskosten en beperktere ecologische impact. | Zie beantwoording volgnummer 8.

10 | | 64, 73 | Indieners maken zich zorgen over de opstelling van de overheid m.b.t de gekozen procedure voor aanpassing kavelbesluiten | Het bevoegd gezag is zich bewust van deze zorg van indieners. Zij heeft daarom onderstaande in de toelichting op het kavelbesluit opgenomen. De reeds genomen kavelbesluiten blijven in principe ongewijzigd. Alleen in zeer uitzonderlijke situaties wanneer er wijzigingen worden geconstateerd die de eerdere conclusies uit de reeds genomen kavelbesluiten onhoudbaar maken, zal het Rijk overwegen om een procedure tot wijziging van een kavelbesluit in gang te zetten. Hiervoor zal volgens de Wet windenergie op zee de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure zoals beschreven in de Algemene wet bestuursrecht worden gevolgd, zoals die ook geldt voor de nieuwe kavelbesluiten.

11 | | 64, 73 | Een zorgpunt voor indieners is dat de ingebrachte punten voor Borssele ten aanzien van aanvaringsslachtoffers, monitorings-en evaluatieprogramma, indexatie bankgarantie niet zijn meegenomen. Indiener wil graag uitkomsten van Borssele bespreken om te bekijken hoe genoemde punten wel tot aanpassing kunnen leiden. | Samen met NWEA zal de komende periode benut worden voor een evaluatie van de kavelbesluiten. Dan kunnen deze punten opnieuw besproken worden met het oog op toekomstige kavelbesluiten. Voor onderhavige kavelbesluiten kan de uitkomst van deze evaluatie niet meer meegenomen worden.

12 | | 60 | Indiener verwijst naar eerdere ingediende zienswijzen ten aanzien van de veiligheidszone rond de inter array kabels, de voorschriften ten aanzien van reparatie- en onderhoudszones van telecomkabels en de indexatie van de bankgarantie. | Zie beantwoording volgnummer 11.

13 | | 65 | Geen onderbouwing voor kosten van de aanleg en exploitatie van de windparken. | Zie beantwoording algemeen deel hoofdstuk 2 en thema A2 van hoofdstuk 3.

14 | | 65 | Windturbines gaan maar 15 jaar mee. Wat gebeurt er daarna? | Windturbines op zee zijn geconstrueerd voor een levensduur van tenminste 20 tot 25 jaar. Daarna moeten de turbines en de funderingen worden verwijderd. Hiervoor moet door de vergunninghouder een bankgarantie worden gesteld voor het bedrag dat met de verwijdering is gemoeid.

15 | | 3, 70 | Indiener vindt windenergie weinig rendabel vanwege hogere aanlegkosten, het duurdere onderhoud en het rendementsverlies. Is het echt rendabel om miljarden te investeren zonder te weten hoeveel miljarden het aan onderhoud gaat kosten? | De Stimuleringsregeling Duurzame Energie+ geeft alleen subsidie voor daadwerkelijk op het net ingevoede elektriciteit. De risico’s voor de investering, onderhoudskosten en rendementsverlies liggen bij de ontwikkelaar van het windpark.

A Energiebeleid en keuze windenergiegebieden

16 | A1 Energiebeleid: alternatieven voor windenergie | 1, 33, 34 | Investeren in zonnepanelen, bijvoorbeeld op industriepanden. | Zie beantwoording algemeen deel hoofdstuk 3 thema A1. In alle voor Nederland ontworpen scenario’s voor de ontwikkeling van het aandeel duurzame energie is windenergie (waaronder windenergie op zee) een belangrijke bouwsteen. In het Energieakkoord voor duurzame groei zijn die doelstellingen concreet gemaakt. Ook zonne-energie en getijdenenergie dragen bij aan de doelstellingen voor duurzame energie op zee.

17 | A1 Energiebeleid: alternatieven voor windenergie | 65 | Indiener is van mening dat er naar een andere manier van energie opwekking op zee gekeken moet worden. | Zie beantwoording algemeen deel hoofdstuk 3 onder thema A1.

Regeling
Kavelbesluit I windenergiegebied Hollandse Kust (zuid)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
17-07-2026
BWB-id
BWBR0039095
Versie
2026-07-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl