2.1 — Doel en beleidsthema’s (deel 1) Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Voice 2016–2020 Fonds)
Doel en beleidsthema’s
De afgelopen jaren kende een aanzienlijk aantal lage- en lage-middeninkomenslanden substantiële economische groei, maar dat heeft niet overal tot hetzelfde ontwikkelingsniveau geleid. In veel gevallen is de kloof tussen arm en rijk groter geworden. Minder ongelijkheid – niet alleen op economisch, maar ook op sociaal, politiek, religieus en etnisch gebied en wat betreft gender en seksuele geaardheid – en niemand achter te stellen (‘Leave no one behind’ en ‘Prioritise those furthest behind’) zijn niet alleen voor het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken belangrijke doelen op het gebied van buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking, maar maken ook deel uit van de VN-plannen voor duurzame ontwikkeling (‘Sustainable Development Goals’).
Verschillenden partijen spelen een rol bij het terugdringen van ongelijkheid en het betrekken bij de samenleving van mensen voor wie tot nu toe geen plaats was. Ten eerste is het de taak van nationale overheden om beleid te maken waarin ook ruimte is voor gemarginaliseerde en gediscrimineerde groepen. Het ontwikkelen en uitvoeren van inclusief beleid (in lage- en lage-middeninkomenslanden) vergt van de beslissers in die landen meer bewustzijn, duurzame investeringen en bereidheid om te veranderen.
Een andere belangrijke partij is de maatschappij zelf. Maatschappelijke organisaties (MO’s) spelen allerlei verschillende rollen in inclusieve en duurzame ontwikkelingen, bijvoorbeeld: humanitaire hulp, dienstverlening, beleidsbeïnvloeding, pleiten en innoveren. De rol van MO’s op het gebied van inclusiviteit is misschien wel de belangrijkste. Sommige MO’s zijn uitzonderlijk effectief gebleken in het bereiken of vertegenwoordigen van armen en verstotenen, door de gemeenschap te mobiliseren, aandacht te vragen voor mensenrechten (bijvoorbeeld gelijke rechten voor mannen en vrouwen), beslissers van de nationale overheid te beïnvloeden en te helpen hun omgeving mondiger te maken.
Voor de aanpak van ongelijkheid die duurzame inclusieve ontwikkelingen in de weg staat, is het nodig dat er een veilig en vruchtbaar klimaat en omgeving – een ‘enabling environment’ – ontstaat waarin het maatschappelijk middenveld optimaal kan functioneren en ook de meest gemarginaliseerde groepen weet te bereiken. Met ‘enabling environment’ wordt bedoeld: de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan op sociaal-cultureel, politiek, economisch, financieel en juridisch gebied, zodat MO’s hun werk goed kunnen doen. Het is essentieel dat de maatschappij inziet wat het belang is van pluralisme en van de rol van MO’s als voorvechters en bewakers van het democratische proces. Het is belangrijk om deze te formaliseren in een wettelijk kader; daarmee zouden overheden ook de op vrijheid van meningsuiting, vereniging en vergadering erkennen en moeten respecteren.
Het doel van Voice sluit aan op een van de vijf strategieën die wereldwijd wordt gezien als een belangrijke voorwaarde voor inclusieve ontwikkeling: een eind maken aan discriminatie en marginalisatie. Niemand mag worden buitengesloten. Ongelijkheid en marginalisatie zijn met elkaar verweven. Marginalisatie en barrières die deelname aan het maatschappelijk leven tegenhouden, kunnen ertoe leiden dat het potentieel van gemarginaliseerde en gediscrimineerde te weinig benut wordt. Deze groepen krijgen geen politieke functies en hun stem wordt gehoord noch gerespecteerd. Uitsluiting en marginalisatie ondermijnen de sociale samenhang en vergroten het risico op conflicten, extremisme en geweld, bijvoorbeeld wanneer bepaalde groepen niet worden betrokken bij beleidsvorming of beslissingen over kwesties die hen aangaan.
Werken aan inclusiviteit voor de meest gemarginaliseerde en gediscrimineerde groepen maakt al jaren deel uit van het beleid van ontwikkelingssamenwerking, maar tot op heden met nog onvoldoende succes. Er zijn innovatieve maatregelen en instrumenten nodig, die royaal de ruimte bieden om te experimenteren, innoveren, fouten te maken en daarvan te leren. Voice biedt die ruimte met het ‘linking en learning’-proces, maar ook met de verschillende onderdelen van de subsidiefaciliteit, zoals het monitoring- en evaluatiesysteem, de selectieprocedure en de aanpak voor capaciteitsversterking.
Om de meest gemarginaliseerde en gediscrimineerde groepen te bereiken en vooruit te helpen zijn innovatieve, vooruitstrevende en onbewezen methodes en instrumenten nodig. Wat innovatief is, hangt af van de context; het kan bijvoorbeeld gaan om nieuwe partijen om mee samen te werken, of het toepassen van nieuwe technologieën of wetenschappelijke bevindingen. Ook onderzoeksinstituten kunnen een rol spelen bij het ondersteunen en faciliteren van een innovatief leerproces.
Voice concentreert zich op vijf groepen die zijn geselecteerd op basis van onderzoek en landenanalyse (zie de tabel hieronder), waarbij de belangrijkste selectiecriteria waren:
• Groepen die het meest lijden onder armoede en nauwelijks vooruitgang boeken op het gebied van de Millennium Development Goals (MDG’s) en Sustainable Development Goals (SDG’s);
• Groepen die het meest lijden onder sociale, economische, ruimtelijke en politieke uitsluiting;
• Groepen die op dit moment vaak worden genegeerd of onbereikbaar zijn binnen ontwikkelingssamenwerking;
• (Vertegenwoordigers van) groepen die te maken kunnen krijgen met onderdrukking of geweld als zij voor hun rechten opkomen.
Onderstaande tabel geeft weer welke groepen zijn geselecteerd en om welke redenen.
Groep | Belangrijkste afwegingen1
Mensen met een beperking | • Volgens de Wereldbank heeft naar schatting 20% van de allerarmsten een lichamelijke of geestelijke beperking. • In ontwikkelingslanden gaat 90% van de kinderen met een beperking niet naar school (UNESCO). • Vrouwen en meisjes met een beperking zijn extra kwetsbaar voor mishandeling (contextanalyse). • In ontwikkelingslanden heeft 80-90% van de volwassenen met een beperking geen werk (VN). • Binnen ontwikkelingssamenwerking meer aandacht besteden aan de rechten van mensen met een beperking (bijvoorbeeld SDG’s), conform CRPD-verdrag en (evt.) ratificatie in Voice-landen; er is nu behoefte aan effectieve strategieën.
Homoseksuele mannen/ vrouwen, biseksuelen, transgenders, Interseksuelen (LHBTI). | • Sinds 2011 zijn honderden vermoord en raakten duizenden gewond bij gerichte aanslagen (UNHCR). • Vrijwillige contacten tussen volwassen wordt in 70 landen gecriminaliseerd (contextanalyse). • In de meeste Afrikaanse landen zijn organisaties voor LHBTI’s illegaal. • Afwijzing door familie leidt tot dakloosheid en schadelijke ‘therapieën’.
Vrouwen die worden uitgebuit, misbruikt en/of mishandeld. | • Tweederde van de vrouwen in ontwikkelingslanden werken informeel of onbetaald vanuit hun huis (UNDP). • Onbetaald werk en weinig bezit maakt vrouwen kwetsbaar voor extreme armoede (USAID). • 35% van alle vrouwen heeft wel eens te maken gehad met fysiek/seksueel geweld (WHO).
Kwetsbare groepen die op basis van leeftijd worden gediscrimineerd, vooral ouderen en jongeren. | • Er zijn veel ouderen en jongeren in ontwikkelingslanden (20% van de Afrikaanse bevolking is jongere). • 100 miljoen ouderen hebben minder dan 1 dollar per dag te besteden en 80% van de ouderen in ontwikkelingslanden hebben geen regelmatig inkomen (Helpage). • 45% van alle jongeren (515 miljoen mensen) hebben minder dan 2 dollar per dag te besteden (VN). • Deze groep is ondervertegenwoordigd in politieke partijen of maatschappelijke organisaties (zo blijkt uit contextanalyses).
Inheemse groepen en etnische minderheden | • 4,5% van de wereldbevolking, maar 10% van alle armen van de wereld behoort tot deze groep (Wereldbank). • Scoren slechter dan gemiddeld op: kindersterfte (< 5), volwassen met analfabetisme, naar school gaan, school afmaken, gelijkheid tussen mannen en vrouwen, voeding voor kinderen (Wereldbank). • Hoogte van inkomen heeft vaak sterk te lijden onder illegale landonteigening. (contextanalyse).
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Voice 2016–2020 Fonds)
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 29-11-2019
- BWB-id
- BWBR0038516
- Versie
- 2019-11-29_0