wetzoeker

II — Subsidieverlening in het kader van gedetineerdenbegeleiding Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Gedetineerdenbegeleiding buitenland 2017–2019)

Subsidieverlening in het kader van gedetineerdenbegeleiding

Voor subsidieverlening in het kader van gedetineerdenbegeleiding komen in aanmerking activiteiten op het terrein van:

• Resocialisatie: het ondersteunen van de resocialisatie van Nederlandse gedetineerden in het buitenland die na hun detentie naar Nederland willen terugkeren, bijvoorbeeld door inzet van vrijwilligers die gedetineerden tijdens hun detentie in het buitenland bezoeken, organiseren van cursussen, advisering bij financiële zaken.

• Juridisch advies: het verschaffen van algemeen juridisch advies ten behoeve van een eerlijke en goede rechtsgang van Nederlandse gedetineerden in het buitenland, bijvoorbeeld door aan gedetineerden en/of hun contactpersonen informatie te verlenen over de lokale rechtsgang, de inzet van een lokale advocaat, Wots-verzoeken (Wots: Wet Overdracht Tenuitvoerlegging Strafvonnissen). Het gaat hierbij niet om (het inhuren van) juridische bijstand voor de Nederlandse gedetineerde.

• Zorg aan Nederlandse gedetineerden die in aanmerking komen voor het aanvullend maatwerkpakket. Het moet daarbij gaan om zorg die aanvullend is op de zorg die reeds door lokale gevangenissen wordt gegeven aan Nederlandse gedetineerden, in landen die niet zijn opgenomen op de landenlijst van Annex 1 bij deze bijlage. Het dient verder te gaan om zorg op maatschappelijk, sociaal dan wel geestelijk vlak die is gericht op het welzijn van Nederlandse gedetineerden tijdens hun buitenlandse detentie. Deze extra zorg betreft niet activiteiten die gericht zijn op resocialisatie in Nederland. Ook gaat het hier niet om zorg op juridisch en medisch vlak.

• Het uitgeven van een periodiek tijdschrift in de Nederlandse taal dat de begeleiding van Nederlandse gedetineerden in het buitenland ondersteunt. Inzet is de gedetineerde te informeren over alle gedetineerdenbegeleidingsmogelijkheden die hem worden aangeboden en aandacht te besteden aan alle elementen van het gedetineerdenbestaan, via de onderlinge expertise-uitwisseling tussen de organisaties die subsidie ontvangen in het kader van dit besluit en het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Het tijdschrift verschijnt naast in fysieke bij voorkeur ook in een digitale vorm.

Uitgangspunt bij resocialisatie en zorg is dat de activiteiten vanuit het land van detentie worden verzorgd via een lokaal netwerk van vrijwilligers, medewerkers en/of experts en bij voorkeur in de Nederlandse taal. Voor juridische bijstand geldt het uitgangspunt dat de activiteiten worden verzorgd in samenwerking met een netwerk van lokale experts. Voor eventuele lokale vrijwilligers, medewerkers en/of experts in het land van detentie op het gebied van juridische bijstand geldt het uitgangspunt van de Nederlandse taal niet. Het tijdschrift dient geheel in het Nederlands te worden uitgegeven. Voor het uitgeven van een periodiek tijdschrift bestaat geen voorkeur voor het land waar deze activiteit wordt uitgevoerd.

Organisaties die in aanmerking kunnen komen voor subsidie in het kader van gedetineerdenbegeleiding zijn Nederlandse rechtspersonen die statutair in Nederland zijn gevestigd. Dit omdat het gaat om de begeleiding van Nederlandse gedetineerden, voor wie de band met Nederland van belang is. De organisatie dient te beschikken over een lokaal netwerk van vrijwilligers, medewerkers en/of experts in de voor gedetineerdenbegeleiding (resocialisatie en zorg) relevante landen (de landen van detentie) dan wel dient een dergelijk netwerk op korte termijn (binnen zes maanden) te kunnen opbouwen. Verder dient de organisatie relevante ervaring te hebben op het gebied van gedetineerdenbegeleiding in Nederland en/of in het buitenland. Elke aanvraag dient betrekking te hebben op één of meerdere van de hiervoor genoemde vier categorieën van bijstand. Een organisatie mag meerdere aanvragen indienen.

Aanvragen mogen ook worden ingediend namens een samenwerkingsverband van organisaties als hiervoor omschreven. Dit kan organisaties betreffen voor wie het zelfstandig indienen van een aanvraag te omvangrijk is en/of die de voorkeur geven aan het uitvoeren van de activiteiten in samenwerking met anderen. In het geval van een gezamenlijke aanvraag treedt een van de organisaties namens allen op als penvoerder, de andere zijn mede-indieners. Indien een dergelijke aanvraag wordt gehonoreerd, wordt de penvoerder de ontvanger van de subsidie. Deze zal volledig verantwoordelijk en aanspreekbaar zijn voor de uitvoering van de voorgenomen activiteiten en voor de naleving van de aan de verlening van de subsidie verbonden verplichtingen.

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Gedetineerdenbegeleiding buitenland 2017–2019)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-01-2019
BWB-id
BWBR0038401
Versie
2019-01-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl