wetzoeker

Oordeel over de leerresultaten Regeling leerresultaten VO 2016

Het oordeel over de leerresultaten bestaat uit de varianten ‘voldoende’ en ‘onvoldoende’. Het oordeel wordt gegeven per schoolsoort dan wel leerweg per vestiging en komt tot stand door toepassing van een beslisregel.

Het oordeel over de leerresultaten is gebaseerd op de kwalificaties van de indicatoren, die worden afgegeven aan de hand van gewogen driejaargemiddelden. Als er slechts één of geen jaarscore berekend kan worden, dan kan het driejaargemiddelde niet bepaald worden. Een driejaargemiddelde en dus de kwalificatie kan bij twee jaarscores alleen bepaald worden als het laatste jaar aanwezig is.

De beslisregel voor het oordeel over de leerresultaten is afhankelijk van het aantal indicatoren waarvoor een kwalificatie beschikbaar is. Hieronder staan de beslisregels voor het oordeel per aantal beschikbare indicatoren.

Oordeel over de leerresultaten wanneer alle indicatoren beschikbaar zijn:

Voldoende

Bij één of nul indicatoren met de kwalificatie ‘onder de norm’ is het oordeel over de leerresultaten voldoende.

Onvoldoende

Bij twee of meer indicatoren met de kwalificatie ‘onder de norm’ is het oordeel over de leerresultaten onvoldoende.

Oordeel over de leerresultaten wanneer drie van de vier indicatoren beschikbaar zijn:

Voldoende

Bij één of nul indicatoren met de kwalificatie ‘onder de norm’, is het oordeel over de leerresultaten ‘voldoende’.

Onvoldoende

Bij twee of meer indicatoren met de kwalificatie ‘onder de norm’ is het oordeel over de leerresultaten ‘onvoldoende’.

Oordeel over de leerresultaten wanneer twee van de vier indicatoren beschikbaar zijn:

Onvoldoende

Bij twee indicatoren met de kwalificatie ‘onder de norm’ en de andere indicatoren zijn niet beschikbaar is het oordeel over de leerresultaten ‘onvoldoende’.

Geen berekening te maken

In alle andere gevallen (één of twee met de kwalificatie ‘boven de norm’) geldt ‘geen berekening te maken’. Het oordeel ‘voldoende’ komt hier niet voor.

Aanvullend onderzoek

Als op basis van de indicatoren ‘geen berekening te maken’ is, vindt aanvullend onderzoek plaats. In deze bijzondere situaties zijn er onvoldoende gegevens om de leerresultaten volgens de verschillende indicatoren te beoordelen. Aanvullend onderzoek zal in ieder geval bestaan uit:

• Een analyse van de gegevens van leerresultaten voor zover ze wel beschikbaar zijn.

• Het verstrekken door de school van nadere gegevens over de resultaten en de doorstroom van de leerlingen.

• Verificatieonderzoek naar de gegevens en beoordeling van de gegevens door de inspecteur.

Voor een voldoende beoordeling van de leerresultaten moet de school aantonen dat de leerresultaten van deze groep leerlingen voldoende zijn. Dat kan door te verwijzen naar referentiegegevens voor vergelijkbare leerlinggroepen, het gebruik van genormeerde toetsen of door expertoordelen. Als de school dit niet kan aantonen, leidt dit tot het oordeel ‘onvoldoende’ over de leerresultaten. In de voorkomende gevallen dat de school over onvoldoende gegevens beschikt om een uitspraak te kunnen doen over het niveau van de leerresultaten, wordt geen oordeel gegeven.

De procedure voor het aanvullend onderzoek is van overeenkomstige toepassing indien de inspecteur een school vraagt om aan te tonen dat, ondanks het feit dat niet kan worden voldaan aan de leerresultatennorm, met de leerlingen van de betreffende schoolsoort of leerweg het maximale leerresultaat wordt behaald. De inspecteur beoordeelt vervolgens of de school dit voldoende heeft aangetoond.

Regeling
Regeling leerresultaten VO 2016
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-08-2025
BWB-id
BWBR0038374
Versie
2025-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl