wetzoeker

4.1 — Kaderstelling Vaststellingsbesluit Rijkshuisvestingsstelsel kantoren

Kaderstelling

DGOO is verantwoordelijk voor de strategische kaders voor de bedrijfsvoering, en daarmee ook voor de rijkshuisvesting.

46 Nota Vernieuwing Rijksdienst, 2007.

Het RVB, een departement of een CDV kan het ontbreken van kaders aankaarten bij DGOO.

Het proces van kaderstelling loopt als volgt:

47 Rapport governance Rijksvastgoedbedrijf,

Stap 1: DGOO signaleert een beleidsbehoefte (in voorkomende gevallen ingegeven door het RVB, (een) departement(en) of (een) CDV(‘s)).

Stap 2: DGOO stelt een concept-kader hierover op (mede op basis van inhoudelijke informatie vanuit het RVB, (een) departement(en) of (een) CDV(‘s)).

Stap 3: DGOO stemt het concept-kader af met de relevante partijen. Dit zijn het RVB, de departementen en in voorkomende gevallen de CDV’s.

Stap 4: Het RVB verricht in relevante gevallen een uitvoeringstoets op het kader en geeft aan of het kader gevolgen heeft voor het tarief / de kostprijs.

Stap 5: Afhankelijk van de zwaarte van het onderwerp wordt het kader vastgesteld door de directeur IFHR van DGOO, gehoord hebben het Kaderstellend Overleg (zie bijlage 2), door de DGOO, gehoord hebbend de Interdepartementale Commissie Bedrijfs-voering Rijk, door het SGO voorportaal, of door de minister van BZK (nu voor W&R) evt. gehoord hebbende de ministerraad.

Stap 6: DGOO organiseert de implementatie van het kader.

Stap 7: DGOO richt de beleidscontrol op elk kader in.

Stap 8: Het RVB, de departementen en in voorkomende gevallen de CDV’s leveren gevraagde gegevens aan, zodat de beleidscontrol kan plaatsvinden.

Andere departementen kunnen vanuit hun beleidsinhoudelijke taak ook kaders stellen die doorwerking hebben in de rijkshuisvesting. Denk aan het Besluit bouwwerken leefomgeving, monumentenbeleid, PPS-beleid, enz.

In praktijk zien we dat het Rijksvastgoedbedrijf zelf uitvoeringskaders op niet-strategisch niveau stelt.

Regeling
Vaststellingsbesluit Rijkshuisvestingsstelsel kantoren
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0038279
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl