wetzoeker

Artikel 4 Traditiebesluit Koninklijke Landmacht

Voor ceremoniële aangelegenheden geldt de volgende rangschikking:

a. naar de volgorde, genoemd in artikel 1;

b. binnen het Wapen der Infanterie:

– Garderegiment Grenadiers en Jagers;

– Garderegiment Fuseliers Prinses Irene;

– Regiment Infanterie Prins Johan Willem Friso;

– Regiment Infanterie Oranje Gelderland;

– Regiment Limburgse Jagers;

– Regiment van Heutsz;

– Korps Nationale Reserve;

– Korps Commandotroepen;

– Regiment Stoottroepen Prins Bernhard;

c. binnen het Wapen der Cavalerie:

– Regiment Huzaren van Boreel;

– Regiment Huzaren Prinses Catharina-Amalia;

d. binnen het Wapen der Artillerie:

– Korps Veldartillerie;

– Korps Rijdende Artillerie;

– Korps Luchtdoelartillerie;

e. binnen het Wapen van de Informatiemanoeuvre:

– Korps Inlichtingen en Veiligheid Prinses Alexia;

– Korps Communicatie en Engagement Prinses Ariane;

f. binnen het Dienstvak van de Logistiek:

– Korps Militaire Administratie;

– Regiment Geneeskundige Troepen;

– Regiment Bevoorradings- en Transporttroepen;

– Regiment Technische Troepen;

– Korps Lichamelijke Oefening en Sport.

Regeling
Traditiebesluit Koninklijke Landmacht
Soort
KB
Geldend vanaf
13-02-2026
BWB-id
BWBR0038194
Versie
2026-02-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl