1.9.3.1 — Uitwerking kerntaken, keuzes en dilemma’s en beoordelingscriteria Regeling personeel brandweer BES
Uitwerking kerntaken, keuzes en dilemma’s en beoordelingscriteria
Kerntaak 1: Adviseren bij standaard en niet-complexe plantoetsing
Werkzaamheden vergunningen met brandweer gerelateerde aspecten
Neemt deel aan vooroverleg met internen (collega’s) en externen.
Toetst het onderdeel brandveiligheid van de aanvraag op volledigheid en juistheid. Toetst standaardvergunningen (waarbij geen gelijkwaardigheid is toegepast) en stelt indien nodig aanvullende eisen en/of voorwaarden op met betrekking tot onder andere:
– bouwkundige voorzieningen;
– installatietechnische voorzieningen (goedkeuring PvE e.d. (ook voor bouwplantoetsing)).
Stelt een schriftelijk advies op voor de vergunning verlenende afdelingen.
Vergunningen op basis van geldende voorwaarden in het kader van het brandveilig gebruik:
Neemt deel aan vooroverleg met internen (collega’s) en externen.
Beoordeelt het onderdeel brandveiligheid van de aanvraag op volledigheid en juistheid.
Beoordeelt de aanvraag inhoudelijk en stelt indien nodig aanvullende eisen en voorwaarden op.
Toetst het object aan de hand van tekeningen, eventueel ter plaatse.
Stelt een schriftelijk advies op voor de vergunning verlenende afdelingen.
Beoordeelt de organisatorische voorzieningen (bijv. ontruimingsplan).
Keuzes en dilemma’s:
Moet de grenzen van zijn kennis en kunde kennen en weten wanneer hij een hoger niveau moet inschakelen.
Moet zich bewust zijn van de impact van zijn eisen voor de aanvrager.
Moet kunnen inschatten wanneer het (voor)overleg wordt gebruikt om het vergunningsproces goed te laten verlopen en wanneer er oneigenlijk gebruik wordt gemaakt van zijn expertise.
Handelt in de geest van de eed/integriteitsverklaring in geval van omkoping, intimidatie, agressie of bekendheid met de persoon/de situatie (belangenverstrengeling).
Beoordelingscriteria:
Past de regelgeving correct toe.
Is in staat om tijdig een helder, compleet en inhoudelijk goed schriftelijk advies op te stellen.
Heeft overtuigingskracht d.w.z. dat hij zijn advies krachtig naar voren kan brengen zodat anderen ervoor gewonnen worden.
Weegt de belangen van betrokkenen.
Bereikt de doelen van het (voor)overleg: voor de andere partij is duidelijk wat er van hem verwacht wordt en wat hij terug kan verwachten.
Kan tekeningen lezen.
Heeft basiskennis op het gebied van installatietechniek.
Kerntaak 2: Uitvoeren van inspecties brandpreventie
Werkzaamheden:
Kan het dossier op volledigheid beoordelen.
Voert op locatie een inspectie uit: tijdens de bouw, periodiek tijdens het gebruik en n.a.v. klachten.
Geeft bij een inspectie, in samenwerking met andere inspectie- instellingen, op onderdelen een (schriftelijk) oordeel aan de vergunningverlener.
Neemt passende maatregelen bij direct levensbedreigende situaties.
Stelt inspectie-/controlerapport op voor de eigen organisatie (dossiervorming).
Stelt instructies op voor de controleur brandpreventie en beoordeelt de kwaliteit van de rapportages.
Voert (zo nodig) her-inspectie uit.
Signaleert repressieve aandachtspunten en communiceert deze met de betreffende afdeling van het brandweerkorps.
Keuzes en dilemma’s:
Moet de grenzen van zijn kennis en kunde kennen en weten wanneer hij een hoger niveau moet inschakelen.
Handelt in de geest van de eed/integriteitsverklaring in geval van omkoping, intimidatie, agressie of bekendheid met de persoon/de situatie (belangenverstrengeling).
Moet afwegen waar de ruimte zit tussen de regelgeving en de impact van zijn inspectie voor de gebruiker.
Moet afwegen wanneer sprake is van een direct levensbedreigende situatie en wanneer niet.
Moet een juiste prioritering kunnen aanbrengen in de begeleiding van controles en inspecties.
Beoordelingscriteria:
Is in staat om tijdig een helder, compleet en inhoudelijk goed inspectierapport op te stellen.
Is in staat om te bepalen of repressief (veilig) optreden mogelijk is.
Houdt rekening met het gedrag van constructies en materialen bij brand.
Voert de inspectie correct uit: de inspectielijst is volledig en afgewerkt.
Gaat respectvol om met gebruikers van het te inspecteren object.
Heeft overtuigingskracht in woord en geschrift.
Is communicatief vaardig zowel mondeling als schriftelijk.
Heeft een professionele beroepshouding.
Kerntaak 3: Onderhouden van netwerken en relevante in- en externe contacten.
Werkzaamheden:
Draagt relevante informatie over binnen het brandweerkorps en overheidsdiensten.
Beoordeelt preventieve informatie op aanvalsplannen en bereikbaarheidskaarten.
Onderhoudt contacten met private relaties en publieke (vergunnings-) partners.
Neemt deel aan overlegvormen binnen de eigen organisatie.
Neemt deel aan project- en werkgroepen.
Keuzes en dilemma’s:
Moet balans vinden tussen zijn rol als vertegenwoordiger van een organisatie en zijn persoonlijke mening over bepaalde zaken (die af kan wijken van wat in de organisatie gangbaar is).
Moet met verschillende doelgroepen kunnen omgaan.
Beoordelingscriteria:
Gebruikt zijn netwerk op het moment dat hij het nodig heeft.
Weet waar en bij wie hij welke kennis kan halen.
Heeft basiskennis van die preparatieve en repressieve activiteiten van de brandweer, die van belang zijn voor zijn vakgebied.
Kerntaak 4: Geven van voorlichting over brandpreventie
Werkzaamheden:
Geeft voorlichting m.b.t. brandveiligheidsaspecten aan:
– klanten over vergunningen en ontruimingsplannen;
– betrokkenen na een incident;
– verschillende doelgroepen;
– (in)directe collega's binnen het brandweerkorps.
Heeft informatieoverdracht over brandpreventieve zaken t.b.v. de repressieve dienst.
Werkt mee aan voorlichtingscampagnes.
Keuzes en dilemma’s:
Moet af kunnen wegen op welke verzoeken om voorlichting hij wel ingaat en op welke verzoeken niet.
Beoordelingscriteria:
Is in staat informatie te geven die doel- en doelgroepgericht is.
Kan goede presentaties verzorgen afgestemd op de doelgroep.
- Regeling
- Regeling personeel brandweer BES
- Soort
- Ministeriële regeling BES
- Geldend vanaf
- 01-07-2016
- BWB-id
- BWBR0038150
- Versie
- 2016-07-01_0