wetzoeker

1.2.3.1 — Uitwerking kerntaken, keuzes en dilemma’s en beoordelingscriteria (deel 1) Regeling personeel brandweer BES

Uitwerking kerntaken, keuzes en dilemma’s en beoordelingscriteria

De Bevelvoerder vliegtuigbrandbestrijding voert met de overige leden van de bemanning taken uit binnen de context van het taakgebied vliegtuigbrandbestrijding. De Bevelvoerder vliegtuigbrand-bestrijding maakt gebruik van alle mensen en middelen die hem ter beschikking staan.

Kerntaak 1: Geeft leiding aan, coördineert en controleert de uitrukwerkzaamheden

Werkzaamheden:

Inventariseert gegevens met betrekking tot het incident luistert de melding uit (persons on board (POB’s), brand, fuel state, lading zoals gevaarlijke stoffen en bewapening, etc.).

Vormt zich onder tijdsdruk een correct beeld van de situatie.

Vraagt toestemming voor gebruik banenstelsel.

Maakt gebruik van de vakinhoudelijke kennis en ervaring van de ploegleden.

Analyseert deze gegevens.

Interpreteert meteo gegevens.

Laat de crashkaart van het betreffende vliegtuig raadplegen.

Stelt prioriteiten en maakt een afweging tussen het verwachte resultaat en het daarvoor te nemen risico.

Bepaalt de juiste persoonlijke bescherming.

Kerntaak 2: Geeft leiding aan, coördineert en controleert de verkenningswerkzaamheden

Werkzaamheden:

Maakt inschatting van de aard, omvang en dynamiek van het incident.

Toetst de actuele en verwachte risico’s aan de eerdere inschatting.

Ziet toe op een juiste voertuigopstelling.

Verkent een vliegtuigincident op de volgende punten: stadium van brand, uitbreidingskansen, mogelijkheden de brand onder controle te krijgen, mogelijkheden een overleefbare situatie te creëren en eventuele slachtoffers te redden.

Raadpleegt de On Scene Commander.

Neemt besluiten en stelt daarbij vast of de inzet veilig voor alle betrokkenen wordt uitgevoerd en geeft indien daar aanleiding voor is aanwijzingen.

Geeft een situatierapport (sitrap) aan de On Scene Commander en/of de (Vak)Officier van Dienst. Coördineert alle operaties van de hulpverleningseenheden op plaats incident in de rol van On Scene Commander.

Coördineert het communicatieverkeer op de plaats incident.

Maakt gebruik van communicatiemiddelen in de rol van On Scene Commander.

Kerntaak 3: Geeft leiding aan, coördineert en controleert de inzetwerkzaamheden

Is operationeel eindverantwoordelijk tot de (eventuele) komst van de On Scene Commander en/of (Vak)Officier van Dienst.

Voert het commando over de eigen eenheid.

Observeert en analyseert plaats incident en de inzet.

Zet in op de 1e prioriteit.

Ziet toe op gebruik juiste blusmiddelen en -techniek(en) en tactieken om een overleefbare situatie bij een vliegtuigincident te creëren en te borgen.

Verschaft zich toegang tot een luchtvaartuig via normale toegangs- wegen en/of openingen (indien noodzakelijk).

Stelt vast of locatie verzamelplaatsen en/of gewondennesten in eerste instantie correct gekozen zijn.

Is het aanspreekpunt voor de diverse disciplines tot aankomst van de On Scene Commander en/of (Vak)Officier van Dienst.

Geeft de On Scene Commander en/of (Vak)Officier van Dienst bij zijn aankomst een situatierapport.

Is verantwoordelijk voor de veiligheid van eigen personeel, overige hulpverleners, slachtoffers en derden.

Controleert het effect van de werkzaamheden, anticipeert op ontwikkelingen en stelt zo nodig de inzet bij in de rol van On Scene Commander.

Coördineert het communicatieverkeer in de rol van On Scene Commander.

Doet verslag (Sitrap) van de situatie aan de Luchthavenautoriteit en in het bijzonder aan het beleidsteam in de rol van On Scene Commander.

Coördineert de inzet van overige hulpverleningsdiensten en instanties in de rol van On Scene Commander.

Managet een doelmatige inzet van de overige hulpverlenings- diensten in de rol van On Scene Commander.

Anticipeert op nieuwe ontwikkelingen en eventueel aansluitend te nemen maatregelen in de rol van On Scene Commander.

Kerntaak 4: Geeft leiding aan, coördineert en controleert de nazorgwerkzaamheden

Coördineert de personele nazorg.

Coördineert de materiële nazorg (inzet gereed maken). Handelt de administratie rondom het incident af (rapportage en registratie).

Verwerkt de registratie van inzet en ontsmetting in het Personeel Dossier.

Evalueert het proces.

Evalueert het functioneren (intern en extern).

Keuzes en dilemma’s:

Moet beslissingen nemen op basis van onvolledige informatie, tegenstrijdige belangen, in een dynamische omgeving.

Moet werken onder een grote tijdsdruk. De factoren tijd en tempo vereisen een groot omschakelingsvermogen, met name bij een niet verwacht vliegtuigongeval. In korte tijd moet hij de totale inzet coördineren.

Is zich bewust dat het moeilijk is om op afstand en op basis van beperkte informatie het incident veilig en adequaat te managen.

Moet het beoogde resultaat ten opzichte van de risico’s afwegen.

Moet analyseren in een dynamische omgeving.

Moet vertrouwen en zekerheid uitstralen naar de manschappen, terwijl de Bevelvoerder vliegtuigbrandbestrijding innerlijk onzeker kan zijn over zijn besluiten en aanpak.

Anticipeert mede op het (ongewenst/behulpzaam) gedrag van omstanders.

Anticipeert op persoonlijke betrokkenheid van hemzelf en van zijn manschappen in relatie tot de bij het incident betrokkenen.

Moet een afweging kunnen maken tussen veilig optreden en belangen van slachtoffers, overige hulpverleners en derden.

Moet een afweging maken van het resultaat ten opzichte van de risico’s (personeel/economisch belang).

Moet inventief kunnen omgaan met de middelen.

Moet omgaan met druk vanuit de omgeving.

Houdt rekening met de psychische gesteldheid en belastbaarheid van het personeel. Hij houdt daarbij met name rekening met het mogelijk voorkomen van warmtestuwing bij de manschappen.

Wijkt, indien nodig, af van de standaardprocedure (situationeel handelen).

Moet snel kunnen schakelen tussen scenario’s.

Maakt een afweging of de procedure wordt gehandhaafd of dat het incident ‘creatief’ wordt opgelost.

Moet in de rol van On Scene Commander de communicatie met meerdere partijen coördineren.

Moet in de rol van On Scene Commander in staat zijn in korte tijd het incident te managen.

Moet in de rol van On Scene Commander tevens in een kort tijdsbestek de coördinatie van de inzet en het communicatieverkeer beheersen.

Moet in de rol van On Scene Commander inschatten waar het incident voor de brandweer ophoudt.

Beoordelingscriteria

Communicatie:

Kan opdrachten van de On Scene Commander en/of (Vak)Officier van Dienst interpreteren en relevante informatie helder aan de On Scene Commander en/of (Vak)Officier van Dienst mededelen/terugkoppelen.

Kan volgens de voorgeschreven procedure communiceren.

Kan omgaan met de beschikbare informatiedragers.

Gevaar-/risicoherkenning:

Is in staat om de situatie zowel tactisch als technisch te analyseren. Stelt de juiste prioriteiten. Is in staat samen met het medisch personeel de medische triage en de technische redtijd op elkaar af te stemmen.

Kan de bij de taakgebieden toepasselijke gevaren herkennen voor:

– zichzelf,

– zijn manschappen en andere hulpverleners,

– voor slachtoffers en

– omgeving.

Vormt zich onder reële tijdsdruk een juist beeld van het incident, schat de gevaren correct in en coördineert alle operaties op plaats incident.

Persoonlijke bescherming(smiddelen):

Kan de persoonlijke beschermingsmiddelen hanteren die hij voor zijn taak nodig heeft.

Materialen:

Maakt efficiënt gebruik van de tot zijn beschikking staande middelen.

Veiligheid:

Is in staat zodanig in te zetten dat hij door zijn kennis en manier van handelen vermijdt dat slachtoffers, zijn manschappen, andere hulpverleners en hijzelf in gevaar komen.

Heeft daarbij met name aandacht voor het optreden van warmtestuwing bij hemzelf en bij zijn manschappen en bewaakt de fysieke en mentale inzetbelasting.

Samenwerking met andere hulpverleners:

Begrijpt de rolverdeling en taken van de andere hulpverleners en/of betrokkenen.

Professionele beroepshouding:

Blijft kalm, objectief en effectief functioneren bij tijdsdruk, tegenslag, teleurstelling of tegenspel en kan omgaan met weerstanden van bijvoorbeeld omstanders.

Creativiteit:

Regeling
Regeling personeel brandweer BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-07-2016
BWB-id
BWBR0038150
Versie
2016-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl