wetzoeker

Luchtvaartregelgeving Beleidsregel verlenen van ontheffingen voor micro- en minidrones

• De kandidaat is bekend met de van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften, waaronder:

o de Nederlandse regelingen voor de minidrone (Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen en de beleidsregel waar deze bijlage deel van uitmaakt;

o de artikelen 2.12, 3.8, 5.3 en 5.8 van de Wet luchtvaart aangaande de verboden betreffende:

− ­ het op zodanige wijze aan het luchtverkeer deelnemen dat personen of zaken in gevaar kunnen worden gebracht;

− ­ het verrichten van werkzaamheden terwijl hij verkeert onder zodanige invloed van een stof dat het gebruik daarvan de vaardigheid voor het verrichten van die werkzaamheden kan verminderen;

− ­ een vlucht uit te voeren zonder kennis te nemen van alle gegevens en inlichtingen die voor de uitvoering van de vlucht van belang zijn;

− ­ het verbod een vlucht uit te voeren met een drone die niet luchtwaardig is.

o de restricties met betrekking tot het gebruik van frequenties en vermogens (de Telecommunicatiewetgeving).

• De kandidaat is bekend met de Nederlandse voorschriften voor vluchtuitvoering, inclusief toezicht en naleving.

• De kandidaat is bekend met de luchtverkeers- en voorrangsregels (SERA-rules of the air in class G, C and D, see/detect and avoid, beperkte en verboden gebieden) en weet waar hij de juiste informatie hierover kan vinden.

Regeling
Beleidsregel verlenen van ontheffingen voor micro- en minidrones
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2016
BWB-id
BWBR0038018
Versie
2016-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl