wetzoeker

Wijzigingswet Gerechtsdeurwaarderswet (evaluatie functioneren Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders, alsmede regeling enkele andere onderwerpen)

Wet van 17 februari 2016 tot wijziging van de Gerechtsdeurwaarderswet in verband met de evaluatie van het functioneren van de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders, alsmede de regeling van enkele andere onderwerpen in die wet

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2017
Rechtsgebied
Burgerlijk procesrecht, Procesrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0037705
Versie
2017-01-01_0
SHA-256 bron
b9105c2335c7bca0fa16dec717c534b02512bc1522cd148f7e9238d4d123d95b

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (7)
  1. Artikel I
  2. Artikel Ia
  3. Artikel II
  4. Artikel III
  5. Artikel IV
  6. Artikel IVa
  7. Artikel V

Artikel I

Wijzigt de Gerechtsdeurwaarderswet.

Artikel Ia

Wijzigt de Advocatenwet.

Artikel II

Wijzigt de Wet op het notarisambt.

Artikel III

Wijzigt de Wet op het notarisambt.

Artikel IV

1 Degene die toegevoegd-kandidaat gerechtsdeurwaarder is op het moment van de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T tot en met Z, wordt:

a. toegevoegd gerechtsdeurwaarder, indien hij op dat moment voldoet aan de voorwaarden voor toevoeging aan een gerechtsdeurwaarder op grond van artikel 27 (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet. De toestemming van Onze Minister die is verleend voor de toevoeging als kandidaat-gerechtsdeurwaarder op grond van de Gerechtsdeurwaarderswet zoals deze luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T tot en met Z, geldt als toestemming ex artikel 27 (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet voor zover hiermee het maximum aantal van gerechtsdeurwaarders aan wie iemand kan worden toegevoegd niet wordt overgeschreden.

b. kandidaat-gerechtsdeurwaarder indien hij op dat moment niet voldoet aan de voorwaarden voor toevoeging door een gerechtsdeurwaarder op grond van artikel 27 (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet. De toestemming van Onze Minister die is verleend voor de toevoeging als kandidaat-gerechtsdeurwaarder op grond van de Gerechtsdeurwaarderswet zoals deze luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T tot en met Z, geldt als toestemming ex artikel 25b (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet.

2 Bij de toepassing van onderdeel a van het vorige lid blijven in geval van door Onze Minister verleende toestemming voor toevoeging aan meer dan twee gerechtsdeurwaarders totaal, alleen de twee eerst genomen nog geldende besluiten daartoe van kracht.

3 De eed die door een toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder is afgelegd op grond van artikel 28 Gerechtsdeurwaarderswet zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T tot en met Z, geldt als eed op grond van artikel 25c (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet voor zover de toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder op grond van het eerste lid, onderdeel b, van dit artikel kandidaat-gerechtsdeurwaarder is geworden en als eed op grond van artikel 28 (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet voor zover de toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder op grond van het eerste lid, onderdeel a, van dit artikel toegevoegd gerechtsdeurwaarder is geworden.

4 Op de tuchtrechtelijke procedures die op het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel GG tot en met PP, aanhangig zijn bij de kamer voor gerechtsdeurwaarders of het gerechtshof Amsterdam, blijft paragraaf 2 van Hoofdstuk IV van de Gerechtsdeurwaarderswet zoals die luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel GG tot en met PP, van toepassing.

5 Op een aanvraag tot benoeming als gerechtsdeurwaarder ingediend vóór de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel E van deze wet, blijft, ook in de bezwaar- en beroepsprocedure, de Gerechtsdeurwaarderswet zoals deze luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel E, van toepassing.

6 Een verzoek tot toestemming voor toevoeging aan een gerechtsdeurwaarder ingediend vóór inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T tot en met Z, waarop nog niet onherroepelijk is beslist, wordt gelijkgesteld met een verzoek om toestemming voor toevoeging als kandidaat-gerechtsdeurwaarder indien niet aan de voorwaarden van artikel 27 (nieuw) Gerechtsdeurwaarderswet wordt voldaan, dan wel met een verzoek om toestemming voor toevoeging als toegevoegd gerechtsdeurwaarder.

Artikel IVa

Wijzigt deze wet.

Artikel V

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.