wetzoeker

Besluit instelling bezwaaradviescommissie Referendumcommissie

Besluit van de Referendumcommissie van 5 februari 2016, houdende instelling van een bezwaaradviescommissie (Besluit instelling bezwaaradviescommissie Referendumcommissie)

Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
12-02-2016
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Referendumcommissie
BWB-id
BWBR0037663
Versie
2016-02-12_0
SHA-256 bron
d944819e552e6d11ab1d7fdf03a13efff93f2b6337d985d19f3b9be7e0ba7b7b

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (12)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12

Paragraaf 1 — Begripsbepaling

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. commissie: de bezwaaradviescommissie, bedoeld in artikel 2, eerste lid;

b. Referendumcommissie: de Referendumcommissie, bedoeld in artikel 87 van de Wet raadgevend referendum;

c. secretaris: de secretaris en plaatsvervangend secretaris van de commissie, bedoeld in artikel 3;

d. wet: de Wet raadgevend referendum;

e. bezwaarschrift: een bezwaarschrift als bedoeld in artikel 6:4 van de Algemene wet bestuursrecht;

f. bezwaarde: de natuurlijke of rechtspersoon die een bezwaarschrift heeft ingediend;

g. subsidieregeling: de subsidieregeling van de Referendumcommissie, bedoeld in artikel 90, derde lid, van de Wet raadgevend referendum.

Paragraaf 2 — De bezwaaradviescommissie

Artikel 2

1 Er is een bezwaaradviescommissie.

2 De commissie heeft tot taak de Referendumcommissie te adviseren over de te nemen besluiten op haar door de Referendumcommissie voorgelegde bezwaren tegen beslissingen van de Referendumcommissie.

Paragraaf 2 — De bezwaaradviescommissie

Artikel 3

1 De commissie bestaat uit ten minste drie leden, met inbegrip van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter.

2 Indien meer dan drie leden zijn benoemd, wordt een aan de commissie voorgelegde zaak behandeld door drie leden, waaronder de voorzitter dan wel de plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter, of bij afwezigheid of ontstentenis de plaatsvervangend voorzitter, beslist welke drie leden de voorgelegde zaak behandelen.

3 De commissie wordt bijgestaan door een secretaris, niet zijnde lid van de commissie.

Paragraaf 2 — De bezwaaradviescommissie

Artikel 4

1 De leden van de commissie en de secretaris worden benoemd en ontslagen door de Referendumcommissie.

2 De leden van de commissie en de secretaris maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de Referendumcommissie.

3 De leden van de commissie en de secretaris worden benoemd voor een termijn van ten hoogste 4 jaar.

4 De leden van de commissie en de secretaris kunnen worden herbenoemd.

Paragraaf 3 — Verschoning en wraking

Artikel 5

1 De leden van de commissie verschonen zich van de behandeling van zaken waarbij zij enig belang hebben.

2 De leden van de commissie kunnen op grond van feiten of omstandigheden waardoor hun onpartijdigheid schade zou leiden, door de bezwaarde worden gewraakt om aan de behandeling van de zaak waarop het bezwaar betrekking heeft, deel te nemen.

3 De leden van de commissie, met uitzondering van de gewraakte leden, beslissen of de wraking wordt toegestaan. Bij staken van stemmen is de wraking toegestaan.

Paragraaf 4 — Bijzondere bepalingen over de werkwijze van de commissie

Artikel 6

1 De leden van de Referendumcommissie, het secretariaat van de Referendumcommissie en de personen die de subsidieregeling voor de Referendumcommissie uitvoeren zijn verplicht alle inlichtingen naar waarheid en zonder voorbehoud te verstrekken die de commissie nodig acht voor het uitbrengen van een advies.

2 De commissie kan daarvoor in aanmerking komende derden oproepen voor het verkrijgen van inlichtingen die zij behoeft, mits over daarmee gemoeide kosten vooraf overeenstemming bestaat met de Referendumcommissie.

Paragraaf 4 — Bijzondere bepalingen over de werkwijze van de commissie

Artikel 7

1 De commissie kan zich door deskundigen van advies en verslag laten dienen, mits over daarmee gemoeide kosten vooraf overeenstemming bestaat met de Referendumcommissie.

2 De commissie kan overlegging vorderen van ter zake dienende bescheiden.

Paragraaf 4 — Bijzondere bepalingen over de werkwijze van de commissie

Artikel 8

1 De bij de behandeling van een zaak betrokken leden van de commissie stellen het advies van de commissie vast bij meerderheid van stemmen. Geen van de betrokken leden onthoudt zich van stemming.

2 De fungerend voorzitter alsmede de secretaris ondertekenen het advies.

3 De voorzitter of bij afwezigheid of ontstentenis de plaatsvervangend voorzitter zendt het advies en het verslag van de hoorzitting aan de Referendumcommissie.

Paragraaf 4 — Bijzondere bepalingen over de werkwijze van de commissie

Artikel 9

In gevallen waarin dit besluit niet voorziet, beslist de bij de behandeling van het bezwaarschrift fungerend voorzitter van de commissie.

Paragraaf 5 — Indienen bezwaarschrift

Artikel 10

1 Het bezwaarschrift dient per post aan de Referendumcommissie te worden toegestuurd.

2 In afwijking van het eerste lid, kan een scan van het bezwaarschrift per e-mail aan de Referendumcommissie worden toegestuurd.

Paragraaf 6 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 11

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Paragraaf 6 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling bezwaaradviescommissie Referendumcommissie.