wetzoeker

Artikel 3.9 Erfgoedwet

Aanwijzing van cultuurgoed en verzameling

1 Voor aanwijzing van een cultuurgoed als beschermd cultuurgoed of opneming van een cultuurgoed in de opsomming van een beschermde verzameling is toestemming van de eigenaar vereist indien deze:

a. de vervaardiger van het cultuurgoed is of de erfgenaam van de vervaardiger;

b. degene is die het cultuurgoed in Nederland heeft gebracht of die het binnen vijf jaar, nadat het in Nederland is gebracht, heeft verworven, of de erfgenaam van een van hen.

2 Het eerste lid is ook van toepassing op de erfgenaam die het cultuurgoed anders dan door vererving heeft verkregen.

3 Het eerste lid is alleen van toepassing op de erfgenaam gedurende dertig jaar of, voor zover het archiefbescheiden betreft, vijftig jaar na het overlijden van de erflater.

4 Indien de eigenaar, bedoeld in het eerste lid, onder b, een rechtspersoon is, is het eerste lid alleen van toepassing gedurende dertig jaar of, voor zover het archiefbescheiden betreft, vijftig jaar nadat die rechtspersoon het cultuurgoed in Nederland heeft gebracht, of de eigendom van het cultuurgoed binnen vijf jaar, nadat het in Nederland is gebracht, heeft verworven.

5 Het terugbrengen naar Nederland van een cultuurgoed dat zich tijdelijk buiten Nederland heeft bevonden, geldt niet als het in Nederland brengen, bedoeld in het eerste lid, onder b.

Regeling
Erfgoedwet
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0037521
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl