wetzoeker

Artikel 3.7 Erfgoedwet

Aanwijzing van cultuurgoed en verzameling

1 Onze Minister kan ambtshalve besluiten een cultuurgoed dat van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis of uitzonderlijke schoonheid is en dat als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het Nederlands cultuurbezit aan te wijzen als beschermd cultuurgoed.

2 Onze Minister kan ambtshalve besluiten een verzameling van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis, die als geheel of door een of meer van de cultuurgoederen die een wezenlijk onderdeel van de verzameling zijn als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het Nederlands cultuurbezit, aan te wijzen als beschermde verzameling.

3 Het besluit tot aanwijzing als beschermde verzameling gaat vergezeld van een algemene omschrijving van de beschermde verzameling en van een opsomming van de cultuurgoederen die tot de beschermde verzameling behoren.

4 Een cultuurgoed is:

a. onvervangbaar indien er geen of nagenoeg geen ander of gelijksoortig cultuurgoed in goede staat in Nederland aanwezig is;

b. onmisbaar indien het een symboolfunctie, schakelfunctie of ijkfunctie heeft.

5 Bij de aanwijzing als beschermde verzameling is het vierde lid van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Erfgoedwet
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0037521
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl