wetzoeker

Artikel 4 Regeling bewapening BavPol BES

De door de directeur van de Justitiële Inrichting Caribisch Nederland aangewezen ambtenaren, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Geweldsinstructie BES, die bij inwerkingtreding van deze regeling reeds over een machtiging tot het dragen van een wapen beschikken als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder 5°, van de Vuurwapenwet BES, mogen in afwijking van artikel 2 van deze regeling, tijdens de uitoefening van hun dienst een wapen als genoemd in artikel 3 bij zich hebben, mits:

a. dit past binnen één van de bevoegdheden als omschreven in de artikelen 2, tweede en derde lid, 3, eerste en tweede lid, 4, 5, 6, 7 en 8 van de Geweldsinstructie BES, en

b. deze ambtenaren geoefend zijn in de zin van artikel 2, eerste lid, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten, alsmede gelegenheid hebben gekregen tot het volgen van training als bedoeld in artikel 3 van de Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten.

Regeling
Regeling bewapening BavPol BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
16-12-2015
BWB-id
BWBR0037343
Versie
2015-12-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl