wetzoeker

Sanctieregeling Burundi 2015

Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken van 26 oktober 2015, nr. MinBuZa.2015.590419, houdende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Burundi (Sanctieregeling Burundi 2015)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
16-01-2024
Rechtsgebied
Internationaal publiekrecht, Volkenrecht
Ministerie
Buitenlandse Zaken
BWB-id
BWBR0037156
Versie
2024-01-16_0
SHA-256 bron
f0fd71705cb71ccf747b8dff6439914e0503aca9bfe313f95a826a838e7a0813

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4

Artikel 1

1 Het is verboden te handelen in strijd met artikel 2, eerste en tweede lid, artikel 7, eerste lid, en artikel 8 van Verordening 2015/1755 van de Raad van de Europese Unie van 1 oktober 2015 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Burundi (Pb L 257).

2 Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet in gevallen waarin artikel 3, eerste lid, artikel 4, eerste lid, artikel 4 bis, eerste, tweede of derde lid, artikel 5, eerste lid, of artikel 6 van Verordening 2015/1755 van toepassing is.

Artikel 2

1 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, artikel 4 bis, tweede en derde lid, artikel 5, artikel 6, en artikel 7, eerste lid, van Verordening 2015/1755 is de Minister van Financiën voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van tegoeden of informatie van financiële aard.

2 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, artikel 4 bis, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 7, eerste lid, van Verordening 2015/1755 is de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van economische middelen of informatie anders dan van financiële aard.

Artikel 3

Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Burundi 2015.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.