wetzoeker

Artikel 5:57:2 Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2015–2016

formatieve beëindigingsgronden bij een tijdelijk dienstverband

1 In geval van een daling van de rijksbekostiging materiele instandhouding kan op drie data het dienstverband van schoonmaakpersoneel beëindigen:

• Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2015, of

• Het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2016, of

• Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2016

2 De werkgever overlegt, afhankelijk van de ontslagdatum, de vergelijking zoals bepaald in artikel 5:57:3 onder A, B of C:

A. dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2015

1. Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 augustus 2015 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2015 en 2016 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2016 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2015, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.

2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2015 en 2016.

3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2015 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.

B. dienstverband wordt niet voortgezet per 1 januari 2016

1. Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 januari 2016 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2015 en 2016 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2016 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2015, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.

2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2015 en 2016.

3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2015 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.

C. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2016

1. Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 augustus 2016 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2015 en 2016 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2016 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2015, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.

2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2015 en 2016.

3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2016 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.

Regeling
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2015–2016
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
08-03-2017
BWB-id
BWBR0037093
Versie
2017-03-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl