9.2 — Stappen van marktwaarde naar beleidswaarde Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015
Stappen van marktwaarde naar beleidswaarde
In deze paragraaf wordt beschreven hoe stap voor stap de beleidswaarde wordt berekend. De beleidswaarde kan ook bepaald worden zonder de marktwaarde te bepalen. Alleen de rekenregels, de algemene parameters voor kostenontwikkelingen en de mutatiegraad zijn nog (voor een deel) hetzelfde als bij de marktwaardeberekening. Vooralsnog kiezen we er voor om wel de beleidswaarde te beschrijven in de stappen ten opzichte van de marktwaarde. Dit voorkomt dat teksten twee keer opgenomen moeten worden.
Modelmatige of rekenkundige benadering berekening beleidswaarde
In de volgende paragrafen wordt meer in detail ingegaan op de stappen. In deze paragraaf wordt beschreven hoe die stappen doorlopen moeten worden. De stappen kunnen zowel rekenkundig als modelmatig worden bepaald. De rekenkundige benadering vraagt om een complex algoritme waarin van alle relevante kasstromen zowel het verschil van de kasstroom zelf, als het verschil in de eindwaarde van die kasstroom wordt bepaald.
In deze paragraaf wordt de modelmatige benadering beschreven. De waarden uit de verschillende stappen 0 tot en met 5 worden daarbij aangeduid als W0, W1, W2, W3, W4 en W5.
• W0: De marktwaarde in verhuurde staat in stap 0 is, zowel in de basisversie als in de full versie, het maximum van de marktwaarde in een doorexploiteer- en in een uitpondscenario (indien een uitpondscenario is toegestaan).
• W1: Om de waarde in stap 1 te berekenen moeten de volgende modelmatige instellingen aangepast worden:
○ Kies doorexploiteren als scenario dat de waarde bepaalt.
○ Hef de correctie van de marktwaarde naar minimaal € 0 op.
○ Pas de eeuwigdurende benadering toe door de kasstromen vanaf jaar 15 door te laten lopen tot en met jaar 60.
○ Pas vervolgens geen eindwaardeberekening toe.
○ Stel de overdrachtskosten in op 0%.
• W2: Om vervolgens de waarde in stap 2 te berekenen moeten de volgende instellingen aanvullend in het model aangezet worden:
○ Hanteer de huren conform beleidsscenario. Rekenen met de streefhuur en niet met de markthuur bij mutatie en pas de specifieke boveninflatoire huurverhoging voor de contracthuren van de beleidswaarde toe. (zie voor de huurverhoging de paragraaf over 9.2.3.2. over huurontwikkeling contracthuur).
○ Pas de correctie erfpacht conform het beleidsscenario toe (bij erfpacht kan die correctie afwijken van de correctie voor de marktwaarde).
• W3: Om vervolgens de waarde in stap 3 te berekenen moeten de volgende instellingen aanvullend in het model worden aangezet:
○ Hanteer onderhoud conform beleidsscenario. Dit impliceert de volgende zaken:
▪ Het model rekent met de onderhoudsbegroting per jaar conform het beleid. Voor zover geen onderhoudsbegroting beschikbaar is, kan gewerkt worden met onderhoudsnormen.
▪ Dit onderhoudsbedrag is inclusief mutatieonderhoud. Mutatieonderhoud moet daarom in de beleidswaarde berekening op nul worden gezet.
▪ Pas indien nodig achterstallig onderhoud aan. Dit bedrag kan in een beleidsscenario afwijken van een in het marktwaardescenario opgevoerd bedrag. Hierin worden ook de verplichtingen voor EFG-labels opgenomen.
▪ Minimum van markt of beleidsonderhoud is niet meer van toepassing.
• W4: om de waarde in stap 4 te berekenen moeten de volgende instellingen aanvullend in het model worden aangezet:
○ Hanteer beheer conform beleidsscenario. Dit impliceert:
▪ Het model rekent met een bedrag voor beheer per vhe per jaar conform het beleid.
▪ In de beleidswaarde vervangt deze post meerdere posten in de marktwaarde, namelijk beheerkosten én de posten belastingen, heffingen en verzekeringen en overige zakelijke lasten (paragraaf 5.2.6.4). De laatste posten moeten daarom op nul gezet worden.
• W5: om de waarde in stap 5 te berekenen moet de volgende instelling in het model aanvullend worden aangezet:
○ Vervang de marktdisconteringsvoet door de sociale disconteringsvoet.
Let op:
Hou rekening met het feit dat de boveninflatoire opslag huurontwikkeling voor de beleidswaarde vrij kan worden opgevoerd mits deze opslag kleiner of gelijk is aan in de tabel 24 van dit handboek opgenomen opslagen. Zie hiervoor paragraaf 5.2.7 van dit handboek.
Let op:
Voor de beleidswaarde geldt dat de overdrachtskosten 0 zijn.
- Regeling
- Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 03-07-2026
- BWB-id
- BWBR0036709
- Versie
- 2026-07-03_0