wetzoeker

A — Toetsing huishoudinkomen op basis van inkomensverklaring/aanslag IB Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015

Toetsing huishoudinkomen op basis van inkomensverklaring/aanslag IB

Bepaal de samenstelling van het huishouden (woningzoekende en evt. medebewoners, inclusief kinderen), en bepaal aan de hand daarvan of het huishoudinkomen moet worden getoetst*. Toets huishoudinkomen van woningzoekende en overige leden huishouden (indien van toepassing; exclusief het inkomen van kinderen) o.b,v. (voorlopige) aanslag IB of inkomenverklaring.** De aanwezigheid van kinderen in het huishouden dient te worden opgegeven om de voor het huishouden toepasselijke aftoppingsgrens te bepalen. Het inkomen van deze kinderen telt niet mee voor de toets.

Huishoudinkomen = Verzamelinkomen als door Belastingdienst vastgesteld over jaar t-1 x index I1, of Verzamelinkomen als door Belastingdienst vastgesteld over jaar t-2x index I2.

Bepaal of het huishoudinkomen:

· is gelegen op of onder:

o eenpersoonshuishouden: het bedrag, genoemd in artikel 14, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de huurtoeslag

o meerpersoonshuishouden: het bedrag, genoemd in artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de huurtoeslag

o eenpersoonshuishouden pensioengerechtigd: bedrag, genoemd in artikel 14, eerste lid, onderdeel c, vermeerderd met het toepasselijke bedrag, bedoeld in artikel 14, tweede lid, van de Wet op de huurtoeslag

o meerpersoonshuishouden pensioengerechtigd: bedrag, genoemd in artikel 14, eerste lid, onderdeel d, vermeerderd met het toepasselijke bedrag, bedoeld in artikel 14, tweede lid van de Wet op de huurtoeslag

· wat gegeven het huishouden de toepasselijke aftoppingsgrens is:

o een- en tweepersoonshuishoudens bedrag, genoemd in artikel 20, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op de huurtoeslag

o drie- en meerpersoonshuishoudens bedrag, genoemd in artikel 20, tweede lid, onderdeel b, van de Wet op de huurtoeslag

* Uitzonderingen op de inkomenstoets:

i. vergunninghouders die, uitsluitend met medebewoners die vergunninghouder zijn, vanuit een COA-voorziening een sociale huurwoning betrekken (een verklaring van het COA, niet ouder dan 6 maanden, volstaat);

ii. woningzoekenden die studiefinanciering genieten, die voltijds studeren of gaan promoveren en die de woongelegenheid als enig student of met maximaal één andere student of scholier, die recht heeft op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten, willen betrekken (bewijs van inschrijving aan de onderwijsinstelling, of bewijs van studiefinanciering verstrekt door DUO, waaruit blijkt dat de betrokkene bij één van de genoemde doelgroepen behoort volstaat);

iii. uit het buitenland afkomstige studenten aan een instelling voor hoger of wetenschappelijk onderwijs (bewijs van inschrijving aan de onderwijsinstelling volstaat);

iv. woningzoekenden die recht hebben op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten en die de woongelegenheid als enig scholier of met maximaal één andere scholier of student willen betrekken (bewijs van tegemoetkoming verstrekt door DUO, waaruit blijkt dat de betrokkene bij deze doelgroep behoort volstaat);

In de onder i, ii, iii en iv genoemde gevallen wordt er vanuit gegaan dat het inkomen niet uitgaat boven de inkomensgrenzen van de huurtoeslag; dat houdt in dat aan de desbetreffende huishoudens passend dient te worden toegewezen. NB: Voor de onder i. genoemde gevallen geldt dat ook geen opgestelde en ondertekende verklaring over de samenstelling van het huishouden is vereist.

Wel is een inkomenstoets vereist bij huishoudens met zorgindicatie bij passend toewijzen voor de huurtoeslag. Het BTIV 2015 benoemt de categorieën van zorggeïndiceerden die ook bij een inkomen boven de inkomensgrens, genoemd in artikel 16, eerste lid, onderdeel b, van het BTIV recht hebben op een sociale huurwoning. De betreffende woningtoewijzingen worden toegerekend aan het in artikel 48, eerste lid van de Woningwet bedoelde percentage toewijzingen aan de doelgroep met een inkomen tot de inkomensgrens, genoemd in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, van het BTIV. Vanuit het oogpunt van betaalbaarheid geldt voor deze categorieën zorggeïndiceerden de passendheidsnorm; derhalve dient het inkomen te worden getoetst (zo mogelijk aan de hand van belastingbescheiden, anders conform het toetsingsschema B). Toetsing van het inkomen in deze gevallen kan achterwege blijven indien de huurprijs van de woning is gelegen op of onder de voor het huishouden toepasselijke aftoppingsgrens. In dat geval is met de toewijzing immers in elk geval voldaan aan de passendheidsnorm. Bij de bepaling van het percentage passend gehuisveste huishoudens blijven de toewijzingen aan huishoudens die wel een zorgindicatie maar geen inkomensgegevens hebben overgelegd, buiten beschouwing.

** Uitzonderingen op de verplichte toetsing aan de hand van belastingbescheiden:

i. woningzoekenden van wie de inkomensgegevens blijkens een verklaring van de Belastingdienst niet bekend zijn bij die dienst;

ii. woningzoekenden van wie het actuele inkomen dusdanig is gedaald ten opzichte van het door de Belastingdienst vermelde inkomen dat het inmiddels op of onder de voor hen toepasselijke inkomensgrens is komen te liggen;

iii. woningzoekenden van wie het actuele inkomen dusdanig is gestegen ten opzichte van het door de Belastingdienst vermelde inkomen dat het inmiddels boven de voor hen toepasselijke inkomensgrens is komen te liggen;

iv. woningzoekenden die, blijkens een specificatie daarvan, een algemene bijstandsuitkering ingevolge de Participatiewet ontvangen;

v. vergunninghouders die vanuit een COA-voorziening een sociale huurwoning betrekken (een verklaring van het COA, niet ouder dan 6 maanden, volstaat).

Regeling
Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015
Afkortingen
BTIV 2015
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0036702
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl