wetzoeker

7.4 — Criteria met betrekking tot de kwaliteit van het Track Record Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Funding Leadership Opportunities for Women 2016–2020)

Criteria met betrekking tot de kwaliteit van het Track Record

De kwaliteit van het Track Record wordt bepaald aan de hand van de volgende maatstaven die betrekking hebben op de factoren waarop elk Track Record in ieder geval inzicht dient te bieden:

T.1: De mate waarin de organisatie/alliantie inhoudelijke expertise heeft opgebouwd op het terrein van gendergelijkheid en vrouwenrechten, in het bijzonder de thema’s waarop FLOW 2016–2020 zich richt.

T.2: De mate van effectiviteit van de door de organisatie/alliantie uitgevoerde activiteiten op het terrein van gendergelijkheid en vrouwenrechten, waarbij wordt gekeken naar het gebruik van relevante nationale en internationale netwerken om de effectiviteit van de interventie te vergroten en naar de uitdagingen en hoe hiermee is omgegaan.

T.3: De mate waarin de organisatie/alliantie innovatief werkt, zowel op het terrein van gehanteerde interventiestrategieën als door efficiencywinst in de uitvoering van de programma’s.

T.4: De mate waarin de organisatie/alliantie transparant werkt voor, verantwoording aflegt aan en draagvlak heeft bij de doelgroep, partnerorganisaties, lokale stakeholders, donoren en het bredere publiek (inclusief leden/donateurs).

T.5: De mate waarin de werkzaamheden van de organisatie/alliantie inclusief zijn ten aanzien van betrokkenheid van de lokale partners, het mainstreamen van gender en het verbeteren van de kansen van en toegang tot basisvoorzieningen van kwetsbare en gemarginaliseerde groepen.

T.6: De mate waarin een structurele inbedding van de resultaten heeft plaatsgevonden.

T.7: De mate waarin de organisatie/alliantie toegevoegde waarde heeft op het gebied van gendergelijkheid ten opzichte van andere actoren: overheden, andere maatschappelijke organisaties, multilaterale organisaties en bedrijfsleven.

T.8: De mate waarin de organisatie/alliantie beschikt over lerend vermogen en aanpassingsvermogen op basis van de PME geleerde lessen.

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Funding Leadership Opportunities for Women 2016–2020)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
25-11-2015
BWB-id
BWBR0036670
Versie
2015-11-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl