wetzoeker

4.8 — PI 7: Bewaking beschikbaarheid Regeling protocol Prestatiemeting Wlz 2015

PI 7: Bewaking beschikbaarheid

Toetsingsaspect en normering | Punten 2015

A. Ervoor zorgen dat Wlz-verzekerden hun aanspraken kunnen realiseren overeenkomstig aard, inhoud en omvang zoals in het indicatiebesluit is vastgesteld (was PI 1 D) | 7,5

A.1 Bewaking tijdige levering niet – acute zorg: wachtlijsten. Wlz-uitvoerders hebben hiervoor landelijk outcome-indicatoren ontwikkeld. Deze worden toegelicht in het Model Uitvoeringsverslag en financiële verantwoording. De Wlz-uitvoerder wordt getoetst op de percentages voor urgent wachtende cliënten respectievelijk voor actief wachtende cliënten, ten opzichte van de bemiddelingsdruk:

Norm: a. Een beperkt aantal urgent wachtende cliënten per sector en soort zorg op meetmoment t zoals opgenomen in de AW317, gedeeld door de bemiddelingsdruk. b. Een beperkt aantal actief wachtende cliënten per sector en soort zorg op meetmoment t zoals opgenomen in de AW317, gedeeld door de bemiddelingsdruk. Actief wachtende cliënt: wil de geïndiceerde zorg ontvangen, maar ontvangt één of meerdere toegewezen zorgeenheden (reguliere of alternatieve zorg) niet. De cliënt wacht buiten zijn/haar wil. Een actief wachtende cliënt kan ter overbrugging wel een andere dan de geïndiceerde vorm van zorg ontvangen, of een deel van de geïndiceerde zorg. Urgent wachtende cliënt: is actief wachtend én ontvangt geen enkele vorm van zorg. Bemiddelingsdruk: Het aantal cliënten dat in de afgelopen 12 maanden (t-1) in zorg is genomen (waarvoor een melding aanvang zorg (MAZ) is ontvangen) waardoor de status actief wachtend is komen te vervallen. De uitkomsten worden verbijzonderd naar: − soort zorg: intramurale zorg respectievelijk extramurale zorg; − sector: Verpleging en Verzorging, Gehandicaptenzorg, Geestelijke Gezondheidszorg. De sectorindeling: is gebaseerd op de eerste grondslag van de indicatie.

A.2 Bewaking tijdige levering niet – acute zorg: levering binnen de treeknorm. Wlz-uitvoerders hebben hiervoor een landelijk outcome-indicator ontwikkeld. Deze wordt toegelicht in het Model Uitvoeringsverslag en financiële verantwoording. De Wlz-uitvoerder wordt getoetst op het realiseren van zorg binnen de treeknorm voor de cliënten die vanuit de wachtstatus actief wachtend in zorg zijn gemeld (alleen intramuraal).

Norm: Een voldoende percentage actief wachtende cliënten dat in zorg is gemeld binnen de treeknorm, ten opzichte van het totaal aantal actief wachtende cliënten dat in zorg is gemeld. Treeknorm: De maximale aanvaardbare wachttijd voor het ontvangen van Wlz-zorg. Onder de wachttijd wordt de tijd verstaan die verstrijkt tussen het moment dat iemand zich met een bepaalde zorgbehoefte (indicatie) meldt bij de Wlz-uitvoerder of een zorgaanbieder en de wachtstatus Actief Wachtend krijgt toegewezen tot aan het moment dat deze zorg daadwerkelijk wordt ontvangen. Actief wachtende cliënt: wil de geïndiceerde zorg ontvangen, maar ontvangt één of meerdere toegewezen zorgeenheden (reguliere of alternatieve zorg) niet. De cliënt wacht buiten zijn/haar wil. Een actief wachtende cliënt kan ter overbrugging wel een andere dan de geïndiceerde vorm van zorg ontvangen, of een deel van de geïndiceerde zorg. De uitkomsten worden alleen gemeten voor intramurale zorg en verbijzonderd naar: − sector Verpleging en Verzorging; − sector Gehandicaptenzorg; − sector Geestelijke Gezondheidszorg. De sectorindeling: is gebaseerd op de eerste grondslag van de indicatie.

A.3 Bewaking tijdige levering spoedzorg: De Wlz-uitvoerder moet er voor zorgen dat Wlz-spoedzorg binnen 24 uur respectievelijk 48 uur beschikbaar is. De Wlz-uitvoerder neemt hierbij het Addendum Crisiszorg in de Wlz van ZN in acht.

Norm: a. De Wlz-uitvoerder heeft in de overeenkomsten jaar t met zorgaanbieders geregeld dat: − er permanent voldoende Wlz-spoedzorg binnen 24 uur respectievelijk 48 uur beschikbaar is; − de betreffende zorgaanbieders acute zorgverlening niet kunnen weigeren. − b. De Wlz-uitvoerder beschikt voor alle regio’s over een regionaal protocol voor spoedzorg. In dit protocol: − is geregeld dat thuiswonende mensen in noodgevallen 24 uur per dag een hulpverlener kunnen bereiken; − worden de betreffende zorgaanbieders en de beschikbare capaciteit voor spoedzorg benoemd; − is opgenomen hoe de poortwachters (huisarts, MEE, professionele hulpverlener/aanmelder) zich op de hoogte kunnen stellen van de vrije capaciteit voor spoedzorg.

A.4 Toetsing bewaking tijdige levering spoedzorg Wlz-uitvoerders hebben hiervoor een landelijke outcome-indicator ontwikkeld. Deze wordt toegelicht in het Model Uitvoeringsverslag en financiële verantwoording. De Wlz-uitvoerder wordt getoetst op het realiseren van spoedzorg binnen 24 (sector ouderenzorg; V&V) tot 48 (sector GHZ) uur in intramurale setting.

Norm: a. Een voldoende percentage van de spoedopnamen V&V dat binnen 24 uur gerealiseerd is van het totaal aantal spoedopnamen dat voor de V&V gemeld is. b. Een voldoende percentage van de spoedopnamen GHZ dat binnen 48 uur gerealiseerd is van het totaal aantal spoedopnamen dat voor de GHZ gemeld is. Spoedopname: Crisisopname volgens de algemene definitie van het Addendum Crisiszorg in de Wlz van ZN. De spoedopname waarvoor de Wlz-uitvoerder verantwoordelijk is kan zowel binnen als buiten de eigen zorgkantoorregio plaatsvinden. Realisatie van spoedopname: het tijdstip waarop de spoedplek daadwerkelijk beschikbaar is voor spoedopname van de cliënt. NB. Het moment waarop de spoedplek wordt gevonden en vastgelegd is niet leidend. Het gaat om het tijdstip, waarop de spoedplek volgens de vastlegging beschikbaar komt bij de spoedzorgbemiddelaar. Ook kan het tijdstip van daadwerkelijke spoedopname, op verzoek van cliënt, afwijken van het moment van realisatie. Deze eventuele vertraging is niet van invloed op de beoordeling of spoedopname binnen 24, respectievelijk 48 uur is gerealiseerd. Als spoedzorgbemiddelaar kunnen optreden: − door de Wlz-uitvoerder aangewezen zorgaanbieder crisiszorg V&V; − door de Wlz-uitvoerder aangewezen regisseur crisisopname GHZ; − andere door de Wlz-uitvoerder expliciet aangewezen crisisregisseur V&V en/of GHZ. Nota bene: Voor 2015 telt deze norm nog niet mee bij het bepalen van de score. Dit toetsingselement wordt in 2015 slechts inventariserend gemeten.

B. Anticiperen op benodigde intramurale capaciteit (was PI 9 C) | 2,5

Zorgverlening vindt steeds langer thuis plaats. De Wlz is alleen nog voor mensen die de hele dag intensieve zorg of toezicht dichtbij nodig hebben. Bijvoorbeeld ouderen met vergevorderde dementie of mensen met een ernstige verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking. Hierdoor kan leegstand bij zorginstellingen ontstaan. De Wlz-uitvoerder is niet verantwoordelijk voor het vastgoedbeleid van zorgaanbieders. Wel kan hij ervoor zorgen – door tijdig een toekomstbeeld en behoefteramingen te publiceren – dat zorgaanbieders beter in staat zijn om beleid te voeren inzake het langer thuis wonen.

Norm: a. De Wlz-uitvoerder vertaalt de landelijke visie op (mogelijke) consequenties van de kabinetsplannen voor de continuïteit van zorgverlening naar lokaal beleid. b. De Wlz-uitvoerder heeft inzicht in de toekomstige benodigde intramurale capaciteit in de regio, inzicht in de beschikbare intramurale capaciteit en een visie over hoe hij deze op elkaar aansluit. c. De Wlz-uitvoerder voert overleg met stakeholders (onder andere: gemeenten, verzekeraars, zorgaanbieders, cliëntorganisaties) over de ontwikkelingen die consequenties kunnen hebben voor de continuïteit van de zorgverlening.

Totaal aantal punten | 10

Regeling
Regeling protocol Prestatiemeting Wlz 2015
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
28-05-2015
BWB-id
BWBR0036635
Versie
2015-05-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl