III.2 — Track Record Besluit vaststelling beleidsregels subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (SRGR Partnerschappen 2016–2020)
Track Record
U beschrijft aan de hand van casussen (minimaal 3 en maximaal 5) uit de laatste 3 jaar voorafgaand aan 1 januari 2015 de ervaring van de organisatie, de alliantiepartners en/of de alliantie met programma’s die zijn gericht op de vier resultaatgebieden van het Nederlandse SRGR-beleid (paragraaf 2.1 van de beleidsregels). Daarbij geldt dat het een organisatie die onderdeel is van een internationale confederatie is toegestaan om in zijn Track Record resultaten op te nemen die zijn behaald binnen en/of door onderdelen van de confederatie, mits wordt aangetoond dat de eigen organisatie op bijvoorbeeld financiële wijze of anderszins een bijdrage heeft geleverd aan die resultaten. De casussen stelt u zo op dat het beoordelingsteam zich een oordeel kan vormen over de visie, werkwijze en capaciteit van de organisatie, de alliantiepartners en/of de alliantie op het terrein van SRGR en in het bijzonder van de veranderingen die zij met dit partnerschap willen bewerkstellingen en die worden beschreven in de Theory of Change. De vorm van presenteren is vrij. De kwaliteit van het Track Record wordt bepaald aan de hand van de volgende maatstaven die betrekking hebben op de factoren waarop elk Track Record in ieder geval inzicht dient te bieden:
Expertise en effectiviteit
• Op basis van welke analyse en strategie zijn de interventies uitgevoerd en welke resultaten zijn behaald.
• Welke inhoudelijke expertise heeft de organisatie/alliantie opgebouwd op het terrein van SRGR, in het bijzonder de resultaatgebieden 1 en 4, en over welke menskracht beschikt de organisatie/alliantie daartoe.
• Het gebruik van relevante nationale en internationale netwerken om de effectiviteit van de interventie te vergroten.
• De mate van effectiviteit van de door de organisatie/alliantie uitgevoerde activiteiten op het terrein van SRGR, inclusief de uitdagingen en hoe hiermee is omgegaan.
Flexibiliteit en lerend vermogen
• Het lerende vermogen van de organisatie/alliantie. Wijze waarop de organisatie op basis van haar PME geleerde lessen heeft gebruikt om met uitdagingen om te gaan, bijv. door processen bij te stellen en/of andere keuzes te maken.
• Het vermogen van de organisatie/alliantie om flexibel, actief en innovatief (samen) te werken met het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Innovatiekracht
• Het vermogen van de organisatie/alliantie om innovatief te werken, zowel op het terrein van gehanteerde interventiestrategieën als door efficiencywinst in de uitvoering van de programma’s.
Transparantie, verantwoording en draagvlak
• De wijze waarop de organisatie/alliantie verantwoording aflegt aan de doelgroep, partnerorganisaties, lokale stakeholders, donoren en het bredere publiek.
• Het draagvlak van de organisatie bij de doelgroep, maar ook bij leden/donateurs.
Inclusiviteit
• Of en hoe lokale partners betrokken zijn geweest bij de voorbereiding, planning en uitvoering van de interventies.
• Hoe de organisatie/ alliantie gender mainstreamt en zich specifiek heeft ingezet voor de verbetering van positie en empowerment van vrouwen en met welke resultaten.
• Hoe de organisatie/alliantie zich richt op het verbeteren van de kansen en toegang tot basisvoorzieningen van kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, en met welke resultaten.
Duurzaamheid
• Hoe een structurele inbedding van de resultaten heeft plaatsgevonden.
Toegevoegde waarde
• De toegevoegde waarde van de organisatie/alliantie op het gebied van SRGR ten opzicht van andere actoren: overheden, andere ngo’s, multilaterale organisaties en bedrijfsleven
• In het geval van een alliantie beschrijven de cases tevens waarom gekozen is voor een alliantie, en wat de meerwaarde is van het werken in deze alliantie en welke ervaring de organisaties hebben in de samenwerking met elkaar.
U onderbouwt de cases met verwijzing naar evaluaties en/of impactstudies en/of ander materiaal. Iedere casus mag niet langer zijn dan 3.000 woorden (ongeveer 6 pagina’s op basis van een A4 met standaard marge, 12-punts lettergrootte en een regelafstand van 1,5).
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (SRGR Partnerschappen 2016–2020)
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 05-05-2015
- BWB-id
- BWBR0036444
- Versie
- 2015-05-05_0