wetzoeker

Subcategorie 7 — : radioapparaten bestemd voor actieve medische implantaten en bijbehorende perifere apparatuur Regeling gebruik van frequentieruimte zonder vergunning en zonder meldingsplicht 2015

: radioapparaten bestemd voor actieve medische implantaten en bijbehorende perifere apparatuur

Nr. | Frequentieband | Vermogen | Opmerkingen bij vermogen | Kanaalbreedte | Opmerkingen bij kanaalbreedte | Toegang en bezetting regels | Opmerkingen bij toegang en bezetting regels | modulatie | Informatief: Referenties

A | 9 kHz – 315 kHz | 30 dBµA/m op 10 m afstand | | | | < 10% | Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische implantaten.

B | 315 – 600 kHz | –5 dBµA/m op 10 m afstand | | | | < 10% | Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op implantaten voor dieren.

C | 12,5 – 20 MHz | – 7 dBµA/m op 10 m afstand | | | | < 10% | Deze frequentieband is alleen bestemd voor dier-implantaten en beperkt tot inpandig gebruik.

D | 30,0 – 37,5 MHz | 1 mW e.r.p. | | | | < 10% | Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische membraanimplantaten met ultralaag vermogen voor het meten van de bloeddruk.

E | 401 – 402 MHz | 25 µW e.r.p. | | 25 kHz | Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 100 kHz. | | Technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken met een vermogen dat ten minste equivalent is aan dat van de technieken die zijn beschreven in de geharmoniseerde normen welke zijn vastgesteld in het kader van richtlijn nr. 1999/5/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 maart 1999 betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit(PbEG L91) zijn verplicht. Eventueel kan ook een maximale duty cycle van 0,1% worden gebruikt. | | Onder deze categorie vallen systemen die specifiek ontworpen zijn om te kunnen zorgen voor andere digitale communicatie dan spraak tussen actieve medische implantaten en/of op het lichaam gedragen apparatuur en andere buiten het menselijke lichaam gedragen apparatuur die gebruikt wordt om andere niet-tijdgebonden fysiologische informatie met betrekking tot individuele patiënten over te brengen.

F | 402- 405 MHz | 25 µW e.r.p. | | 25 kHz | Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 300 kHz. Andere technieken om toegang te krijgen tot spectrum of om interferentie te onderdrukken, met inbegrip van handbreedtes van meer dan 300 kHz, kunnen worden gebruikt mits zij een vermogen hebben dat ten minste equivalent is aan dat van de technieken die zijn beschreven in de geharmoniseerde normen welke zijn vastgesteld in het kader van richtlijn nr. 1999/5/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 maart 1999 betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit (PbEG L91), zodat deze verenigbaar zijn met andere gebruikers en met name met meteorologische radiosondes.

G | 405 – 406 MHz | 25 µW e.r.p. | | 25 kHz | Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 100 kHz. | | Technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken met een vermogen dat ten minste equivalent is aan dat van de technieken die zijn beschreven in de geharmoniseerde normen welke zijn vastgesteld in het kader van richtlijn nr. 1999/5/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 maart 1999 betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit (PbEG L91)zijn verplicht. Eventueel kan ook een maximale duty cycle van 0,1% worden gebruikt. | | Onder deze categorie vallen systemen die specifiek ontworpen zijn om te kunnen zorgen voor andere digitale communicatie dan spraak tussen actieve medische implantaten en/of op het lichaam gedragen apparatuur en andere buiten het menselijke lichaam gedragen apparatuur die gebruikt wordt om andere niet-tijdgebonden fysiologische informatie met betrekking tot individuele patiënten over te brengen.

H | 2483,5 – 2500 MHz | 10 mW e.i.r.p. | | 1 MHz | De hele frequentieband mag ook worden dynamisch worden gebruikt als één enkel kanaal voor hoge snelheid date transmissie. | | Alleen voor laag vermogen actieve medische implantaten en bijbehorende perifere apparatuur. Technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken met een vermogen dat ten minste equivalent is aan dat van de technieken die zijn beschreven in de geharmoniseerde normen welke zijn vastgesteld in het kader van richtlijn nr. 1999/5/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 maart 1999 betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit (PbEG L91) zijn verplicht. Eventueel kan ook een maximale duty cycle van 10% worden gebruikt. Deze gebruiksbepalingen zijn van toepassing op het radio gedeelte van het actieve medische implantaat. Periferie apparatuur mag alleen binnen worden gebruikt.

Regeling
Regeling gebruik van frequentieruimte zonder vergunning en zonder meldingsplicht 2015
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0036378
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl