wetzoeker

Wijzigingswet Spoorwegwet, enz. (tweede tranche uitvoeringsmaatregelen kabinetsstandpunt «Spoor in beweging», enz.)

Wet van 19 november 2014 tot wijziging van de Spoorwegwet en de Wet personenvervoer 2000 in verband met een tweede tranche van uitvoeringsmaatregelen van het kabinetsstandpunt «Spoor in beweging», waaronder regels inzake bijzondere spoorwegen en vereenvoudiging van het vergunningenregime hoofdspoorwegen, en in verband met de invoering van een verblijfsverbod voor voorzieningen openbaar vervoer

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-10-2016
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0036166
Versie
2016-10-01_0
SHA-256 bron
6c9c47920841368d20faee450990f72c4a57886d29312ffa1ecdd05d711d3613

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (8)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III
  4. Artikel IIIa
  5. Artikel IV
  6. Artikel V
  7. Artikel VI
  8. Artikel VII

Artikel I

Wijzigt de Spoorwegwet.

Artikel II

Wijzigt de Wet personenvervoer 2000.

Artikel III

Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel IIIa

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 8.

Artikel IV

Wijzigt de Wegenwet.

Artikel V

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Artikel VI

1 De op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aanhangige bezwaar- en beroepschriften tegen besluiten op grond van artikelen 19 tot en met 21 van de Spoorwegwet zoals die luidden tot de inwerkingtreding van artikel I, onderdelen K tot en met N, van deze wet worden afgehandeld overeenkomstig het recht zoals dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

2 De op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel II, van deze wet aanhangige bezwaar- en beroepschriften tegen besluiten op grond van de Spoorwegwet 1875, de wet van 9 juli 1900, houdende nadere regeling van den dienst en het gebruik van spoorwegen, waarop uitsluitend met beperkte snelheid wordt vervoerd (Stb. 118), de Wet van 15 december 1917, houdende voorschriften omtrent aanleg en instandhouding van spoorwegen waarop uitsluitend met beperkte snelheid wordt vervoerd, op wegen niet onder beheer van het Rijk (Stb. 703), Wet van 1 november 1924, houdende wettelijke maatregelen tegen aantasting van metalen voorwerpen in den bodem door zwerfstroomen, afkomstig van de spoorstaven van electrische spoor- en tramwegen (Stb. 498), het Tramwegreglement, het Besluit van 5 februari 1925, tot vaststelling van een reglement ter voorkoming van aantasting van metalen voorwerpen in den bodem door zwerfstroomen, afkomstig van de spoorstaven van electrische spoor- en tramwegen (Stb. 29), het Metroreglement, het Reglement op de Raccordementen 1966, dan wel het Reglement dienst hoofd- en lokaalspoorwegen worden afgehandeld overeenkomstig het recht zoals dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel II, van deze wet.

Artikel VII

1 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

2 In afwijking van het eerste lid, treedt artikel I, onderdeel QQ, in werking met ingang van 1 december 2015.