wetzoeker

Artikel 8 Circulaire bijzondere opsporingsgelden

1 Indien (voor een deel) een afwijzende beslissing is genomen op een op grond van deze circulaire gedaan verzoek, kan de betrokken hoofdofficier van justitie de Minister van Veiligheid en Justitie, door tussenkomst van de aangewezen ambtenaar van het Landelijk Parket en uiterlijk binnen zes weken na het bekend worden van de beslissing, verzoeken een nieuwe beslissing te nemen.

2 Een verzoek, als bedoeld in het eerste lid, is schriftelijk en bevat de gronden waarop de bezwaren tegen de beslissing rusten.

Regeling
Circulaire bijzondere opsporingsgelden
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-01-2015
BWB-id
BWBR0036094
Versie
2015-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl