wetzoeker

Bijlage 7 — bij artikel 4.13, derde lid Regeling kwaliteitsafspraken mbo

bij artikel 4.13, derde lid

Beoordelingskader resultatenrapportage bpv

Voor de resultatenrapportage worden de behaalde resultaten afgezet tegen de beoogde resultaten en vergeleken met de uitgangssituatie zoals vastgelegd in het verbeterplan bpv.

De instelling kan een toelichting geven over de behaalde resultaten.

Programma | Matching | Begeleiding | Eventueel ander aspect

Uitgangssituatie van de bpv in 2016 | 1. Resultaat A 2. Resultaat B 3. …. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3.

Beoogde resultaten voor 2017 | 1. 2. 3. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3.

Behaalde resultaten in 2017 | 1. 2. 3. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3. | 1. 2. 3.

De instantie vormt een integraal oordeel over de verbetering van de bpv bij de instelling. Dit oordeel is opgebouwd uit de oordelen per aspect. Voor deze oordelen per aspect zet de instantie de behaalde resultaten af tegen de beoogde resultaten en de uitgangssituatie zoals die in het verbeterplan bpv zijn opgenomen. De instantie betrekt de door de instelling gegeven toelichting bij de beoordeling. Bij dit integraal oordeel worden de drie variabelen grootte, bereik en belang van de gerealiseerde verbetering voor de resultaten per aspect gewogen. Het is niet mogelijk voor deze kwalitatieve beoordeling een kwantitatieve beslisregel te formuleren. Daarom vormt de instantie een integraal oordeel over de verbetering van de bpv zoals die blijkt uit de bereikte resultaten, voor de instelling als geheel en voor de diverse aspecten. Dit oordeel wordt onderbouwd en gemotiveerd.

De resultaten worden beoordeeld als behaald als ze ten minste op het niveau van de beoogde resultaten liggen.

In Artikel 4.14 staat in het tweede lid, dat indien het geheel van de beoogde resultaten van een aspect is bereikt, de instantie de behaalde resultaten voor het betreffende aspect classificeert als ‘goed’.

In Artikel 4.14 staat in het derde lid, dat indien het geheel van de beoogde resultaten grotendeels is gerealiseerd, de instantie de behaalde resultaten voor het betreffende aspect classificeert als ‘voldoende’.

De instantie beoordeelt het geheel van de gerealiseerde resultaten voor een aspect als ‘voldoende’ als alle beoogde resultaten grotendeels zijn bereikt of als een groot deel van de resultaten geheel is bereikt.

In Artikel 4.14 staat in het vierde lid, dat indien voor de beoogde resultaten niet de classificatie ‘goed’ of ‘voldoende’ kan worden gegeven, de instantie de behaalde resultaten voor dit aspect classificeert als ‘onvoldoende’.

In Artikel 4.14 staat in het vijfde lid, dat bij de beoordeling van de gerealiseerde resultaten voor de instelling als geheel het eerste tot en met het derde lid van overeenkomstige toepassing zijn.

Dit geldt ook voor de hierboven vermelde normen voor de beoordeling ‘goed’ en ‘voldoende’.

Voor 2018 wordt eenzelfde tabel gebruikt als voor 2017. Er is geen verband tussen het oordeel in 2017 en het oordeel in 2018. Het kan voorkomen dat de resultaten van een instelling in 2017 als ‘goed’ worden beoordeeld, terwijl de resultaten in 2018 als ‘onvoldoende’ worden beoordeeld en omgekeerd.

Regeling
Regeling kwaliteitsafspraken mbo
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
20-07-2016
BWB-id
BWBR0035923
Versie
2016-07-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl