wetzoeker

Artikel 11 Besluit luchtverkeer 2014

Algemene luchtverkeersregels

1 Het is verboden een luchtvaartuig of ander voorwerp tijdens de vlucht te slepen.

2 Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de vluchten waarbij:

a. een zeilvliegtuig of zweefvliegtuig wordt gesleept;

b. een sleepnet wordt gesleept;

c. voor militaire doeleinden wordt gesleept.

3 Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld ten aanzien van de vluchten, bedoeld in het tweede lid.

4 Onverminderd het tweede lid kan Onze Minister vrijstelling of ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid. Aan de vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen worden verleend.

5 Het is verboden in strijd te handelen met de voorschriften, bedoeld in het vierde lid.

Regeling
Besluit luchtverkeer 2014
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2024
BWB-id
BWBR0035899
Versie
2024-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl